BWBR0028616
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 55
Wet ambtenarenrechtspraak 1951 BES
1. Door de rechter worden dag, uur en plaats voor de behandeling ter openbare zitting vastgesteld en door de griffier bij aangetekende dienstbrief ter kennis van partijen gebracht.
2. Deze dag wordt zodanig bepaald, dat de zitting niet wordt gehouden dan nadat de contra-memoriën zijn ingediend of de termijnen voor de indiening daarvan zijn verlopen en nadat gedurende ten minste zes dagen alle op het bezwaar betrekking hebbende stukken op de door de rechter aangewezen plaats zijn nedergelegd ter kosteloze inzage van partijen.
2. Deze dag wordt zodanig bepaald, dat de zitting niet wordt gehouden dan nadat de contra-memoriën zijn ingediend of de termijnen voor de indiening daarvan zijn verlopen en nadat gedurende ten minste zes dagen alle op het bezwaar betrekking hebbende stukken op de door de rechter aangewezen plaats zijn nedergelegd ter kosteloze inzage van partijen.
- Citeren als
- Art. 55
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028616
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl