BWBR0030385
Geldig vanaf 18-07-2007
Artikel 33
Nadere Voorschriften op de praktijkstage
1. De Trainee verdedigt tijdens het Mondeling examen zijn Afstudeerscriptie. Naast de Afstudeerscriptie kunnen de ervaringen van de Trainee, zoals vastgelegd in de Stageverslagen en andere stukken uit het Examendossier bij de examinering worden betrokken.
2. De Trainee kan aan het begin van het Mondeling examen in maximaal tien minuten een presentatie houden die betrekking heeft op de inhoud van de Afstudeerscriptie. Dit geschiedt in voorafgaand overleg met zijn Examinatoren. De presentatie voegt daadwerkelijk iets toe aan de inhoud van de Afstudeerscriptie.
3. Tijdens het Mondeling examen toetsen de eerste en tweede Examinator of de Trainee het niveau van beginnend beroepsbeoefenaar heeft behaald.
4. De Trainee toont tijdens het Mondeling examen aan de verworven theoretische kennis op eindniveau in de praktijk te kunnen toepassen, getuigt van inzicht en een kritische beroepshouding.
2. De Trainee kan aan het begin van het Mondeling examen in maximaal tien minuten een presentatie houden die betrekking heeft op de inhoud van de Afstudeerscriptie. Dit geschiedt in voorafgaand overleg met zijn Examinatoren. De presentatie voegt daadwerkelijk iets toe aan de inhoud van de Afstudeerscriptie.
3. Tijdens het Mondeling examen toetsen de eerste en tweede Examinator of de Trainee het niveau van beginnend beroepsbeoefenaar heeft behaald.
4. De Trainee toont tijdens het Mondeling examen aan de verworven theoretische kennis op eindniveau in de praktijk te kunnen toepassen, getuigt van inzicht en een kritische beroepshouding.
- Citeren als
- Art. 33
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0030385
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl