BWBR0030385
Geldig vanaf 18-07-2007
Artikel 34
Nadere Voorschriften op de praktijkstage
1. De Trainee krijgt drie cijfers:
a. voor de Afstudeerscriptie;
b. voor het Mondeling examen; en
c. een eindcijfer.
2. Beide Examinatoren kennen ieder een cijfer toe aan de Afstudeerscriptie. Halven zijn toegestaan, ‘plussen’ en ‘minnen’ niet.
3. Een Afstudeerscriptie is met een voldoende beoordeeld als iedere afzonderlijke Examinator aan de Afstudeerscriptie minimaal een 6.0 heeft toegekend.
4. Het gemiddelde van de beoordelingen van beide Examinatoren is het cijfer voor de Afstudeerscriptie. Hierbij wordt 0.25 naar 0.5 afgerond en 0.75 naar 1.00 afgerond.
5. In geval van een onvoldoende beoordeling van de Afstudeerscriptie wordt de Trainee in gelegenheid gesteld om zijn Afstudeerscriptie aan te passen en kan herbeoordeling plaatsvinden.
6. De Eerste Examinator stelt de Trainee en het Bestuur uiterlijk twee weken vóór het examen op de hoogte van het cijfer dat de Examinatoren in gezamenlijkheid aan de Afstudeerscriptie hebben toegekend
7. Op het moment dat de Afstudeerscriptie van de Trainee met een voldoende is beoordeeld kan de aanvraag voor zijn Mondeling examen worden gedaan. Het Mondeling examen kan niet eerder plaatsvinden dan vier weken na de datum van de aanvraag hiertoe.
8. Beide Examinatoren stellen na afloop van het Mondeling examen gezamenlijk een cijfer vast voor het Mondeling examen; hierbij zijn halven toegestaan, ‘plussen’ en ‘minnen’ niet. Om te kunnen slagen moet dit cijfer minimaal een 6.0 zijn.
9. Het eindcijfer is het gemiddelde van het cijfer voor de Afstudeerscriptie en het cijfer voor het Mondeling examen. Hierbij wordt 0.25 naar 0.5 afgerond en 0.75 naar 1.00 afgerond. Het Bestuur informeert de Trainee uiterlijk binnen drie weken na afloop van het Mondeling examen schriftelijk over het cijfer voor de Afstudeerscriptie, het Mondeling examen en het eindcijfer.
a. voor de Afstudeerscriptie;
b. voor het Mondeling examen; en
c. een eindcijfer.
2. Beide Examinatoren kennen ieder een cijfer toe aan de Afstudeerscriptie. Halven zijn toegestaan, ‘plussen’ en ‘minnen’ niet.
3. Een Afstudeerscriptie is met een voldoende beoordeeld als iedere afzonderlijke Examinator aan de Afstudeerscriptie minimaal een 6.0 heeft toegekend.
4. Het gemiddelde van de beoordelingen van beide Examinatoren is het cijfer voor de Afstudeerscriptie. Hierbij wordt 0.25 naar 0.5 afgerond en 0.75 naar 1.00 afgerond.
5. In geval van een onvoldoende beoordeling van de Afstudeerscriptie wordt de Trainee in gelegenheid gesteld om zijn Afstudeerscriptie aan te passen en kan herbeoordeling plaatsvinden.
6. De Eerste Examinator stelt de Trainee en het Bestuur uiterlijk twee weken vóór het examen op de hoogte van het cijfer dat de Examinatoren in gezamenlijkheid aan de Afstudeerscriptie hebben toegekend
7. Op het moment dat de Afstudeerscriptie van de Trainee met een voldoende is beoordeeld kan de aanvraag voor zijn Mondeling examen worden gedaan. Het Mondeling examen kan niet eerder plaatsvinden dan vier weken na de datum van de aanvraag hiertoe.
8. Beide Examinatoren stellen na afloop van het Mondeling examen gezamenlijk een cijfer vast voor het Mondeling examen; hierbij zijn halven toegestaan, ‘plussen’ en ‘minnen’ niet. Om te kunnen slagen moet dit cijfer minimaal een 6.0 zijn.
9. Het eindcijfer is het gemiddelde van het cijfer voor de Afstudeerscriptie en het cijfer voor het Mondeling examen. Hierbij wordt 0.25 naar 0.5 afgerond en 0.75 naar 1.00 afgerond. Het Bestuur informeert de Trainee uiterlijk binnen drie weken na afloop van het Mondeling examen schriftelijk over het cijfer voor de Afstudeerscriptie, het Mondeling examen en het eindcijfer.
- Citeren als
- Art. 34
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0030385
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl