BWBR0036882
Geldig vanaf 25-07-2015
Artikel 4.2
Beleidsregel ICAAP beleggingsondernemingen en beleggingsinstellingen Wft 2015
1. De onderneming dient in de beoordeling van haar risico’s, zoals bedoeld in hoofdstuk 3, te bepalen welke beheersingsmaatregelen nodig zijn ter dekking van het geconstateerde risico.
2. Bij de bepaling van de benodigde beheersingsmaatregelen dient de onderneming tevens aan te geven hoeveel toetsingsvermogen volgens de onderneming nodig is ter dekking van de geconstateerde risico’s.
3. DNB verwacht dat de onderneming een aanvullend vermogen aanhoudt in ten minste de volgende gevallen:
a. bepaalde risico’s of aspecten daarvan worden niet gedekt door de vereiste solvabiliteit;
b. de door de onderneming genomen beheersmaatregelen niet binnen een redelijke termijn zullen leiden tot verbetering van de ingevolge artikel 3:17 van de Wft ingevoerde strategieën, procedures en maatregelen.
2. Bij de bepaling van de benodigde beheersingsmaatregelen dient de onderneming tevens aan te geven hoeveel toetsingsvermogen volgens de onderneming nodig is ter dekking van de geconstateerde risico’s.
3. DNB verwacht dat de onderneming een aanvullend vermogen aanhoudt in ten minste de volgende gevallen:
a. bepaalde risico’s of aspecten daarvan worden niet gedekt door de vereiste solvabiliteit;
b. de door de onderneming genomen beheersmaatregelen niet binnen een redelijke termijn zullen leiden tot verbetering van de ingevolge artikel 3:17 van de Wft ingevoerde strategieën, procedures en maatregelen.
- Citeren als
- Art. 4.2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0036882
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl