BWBR0002691
Geldig vanaf 1966-01-01
Artikel 21
Algemene pensioen- en uitkeringswet politieke ambtsdragers
1. Indien een minister, gewezen minister of gepensioneerd minister naar het oordeel van Onze Minister is vermist, hebben degenen die aan zijn overlijden recht op pensioen zouden ontlenen, recht op tijdelijk pensioen op dezelfde voet als in de voorgaande artikelen van dit hoofdstuk is omschreven.
2. Het tijdelijk pensioen gaat in op een door Onze Minister te bepalen dag.
3. Het tijdelijk pensioen gaat van rechtswege over in een voortdurend pensioen zodra het overlijden van de vermiste vaststaat.
2. Het tijdelijk pensioen gaat in op een door Onze Minister te bepalen dag.
3. Het tijdelijk pensioen gaat van rechtswege over in een voortdurend pensioen zodra het overlijden van de vermiste vaststaat.