BWBR0009768
Geldig vanaf 2004-04-19
Artikel 5
Bekostigingsbesluit inburgering nieuwkomers
1. Het college van burgemeester en wethouders kan de in dit besluit geregelde rijksbijdrage aanwenden tezamen met de colleges van burgemeester en wethouders van een of meer andere gemeenten, indien tevens de andere in dit besluit geregelde rijksbijdrage voor datzelfde jaar tezamen met die andere gemeente of gemeenten wordt aangewend.
2. In geval van samenwerking als bedoeld in het eerste lid, dragen de samenwerkende gemeenten aan een van hen de bevoegdheid over tot het ontvangen van de rijksbijdragen, het inzenden van een schriftelijk verslag over de activiteiten waarvoor de rijksbijdragen zijn verstrekt en de verstrekking van de in artikel 4, eerste lid, bedoelde gegevens en de in artikel 7, eerste lid, bedoelde aanvullende inlichtingen.
3. In geval van samenwerking als bedoeld in het eerste lid, stellen de colleges van burgemeester en wethouders van de samenwerkende gemeenten Onze Minister daarvan in kennis voor 1 december voorafgaand aan het jaar waarop de rijksbijdrage betrekking heeft.
4. De melding, bedoeld in het derde lid, bevat van de betrokken gemeenten:
a. de namen van die gemeenten,
b. de naam van de gemeente waaraan de in het tweede lid genoemde bevoegdheid is overgedragen, en
c. een verklaring van elke gemeente waaruit de in het tweede lid bedoelde overdracht van bevoegdheid aan de daar bedoelde gemeente blijkt.
2. In geval van samenwerking als bedoeld in het eerste lid, dragen de samenwerkende gemeenten aan een van hen de bevoegdheid over tot het ontvangen van de rijksbijdragen, het inzenden van een schriftelijk verslag over de activiteiten waarvoor de rijksbijdragen zijn verstrekt en de verstrekking van de in artikel 4, eerste lid, bedoelde gegevens en de in artikel 7, eerste lid, bedoelde aanvullende inlichtingen.
3. In geval van samenwerking als bedoeld in het eerste lid, stellen de colleges van burgemeester en wethouders van de samenwerkende gemeenten Onze Minister daarvan in kennis voor 1 december voorafgaand aan het jaar waarop de rijksbijdrage betrekking heeft.
4. De melding, bedoeld in het derde lid, bevat van de betrokken gemeenten:
a. de namen van die gemeenten,
b. de naam van de gemeente waaraan de in het tweede lid genoemde bevoegdheid is overgedragen, en
c. een verklaring van elke gemeente waaruit de in het tweede lid bedoelde overdracht van bevoegdheid aan de daar bedoelde gemeente blijkt.