BWBR0001975
Geldig vanaf 16-11-1968
Artikel 19
Octrooigemachtigden-reglement
1. Van een beslissing van de Raad van Toezicht, als bedoeld in artikel 18, kan de betrokken octrooigemachtigde en, in voorkomend geval, de klager gedurende een maand na de dag van verzending van de brief, waarbij hem een afschrift van die beslissing is gezonden, in beroep komen bij de Raad van Beroep inzake het Toezicht op de Octrooigemachtigden.
2. De Raad van Beroep bestaat uit drie leden en drie plaatsvervangende leden. De Voorzitter van de Octrooiraad is voorzitter van de Raad van Beroep; zijn plaatsvervanger wordt door de Koningin uit de overige rechtsgeleerde leden van de Octrooiraad benoemd. Een der andere leden van de Raad van Beroep en zijn plaatsvervanger worden door de Koningin benoemd uit de leden van de Arrondissements-rechtbank of het Gerechtshof te 's-Gravenhage of van de Hoge Raad. Het derde lid en zijn plaatsvervanger worden door en uit de Orde van Octrooigemachtigden gekozen; zij treden om de twee jaar af en zijn terstond herkiesbaar; hun verkiezing wordt geregeld bij het in artikel 13, tweede lid, bedoelde huishoudelijk reglement; het vijfde lid van artikel 15 is op hen van toepassing. Aan de Raad van Beroep wordt toegevoegd een secretaris, die door de Minister van Economische Zaken wordt benoemd.
3. Het beroep wordt ingesteld door het indienen van een met redenen omkleed beroepschrift in tweevoud, vergezeld van de beslissing waartegen het beroep is gericht. De Secretaris van de Raad van Beroep zendt een der exemplaren van het beroepschrift aan de Raad van Toezicht.
4. Artikel 18 is van overeenkomstige toepassing met dien verstande, dat van elke genomen beslissing eveneens onverwijld een afschrift wordt gezonden aan de Raad van Toezicht.
2. De Raad van Beroep bestaat uit drie leden en drie plaatsvervangende leden. De Voorzitter van de Octrooiraad is voorzitter van de Raad van Beroep; zijn plaatsvervanger wordt door de Koningin uit de overige rechtsgeleerde leden van de Octrooiraad benoemd. Een der andere leden van de Raad van Beroep en zijn plaatsvervanger worden door de Koningin benoemd uit de leden van de Arrondissements-rechtbank of het Gerechtshof te 's-Gravenhage of van de Hoge Raad. Het derde lid en zijn plaatsvervanger worden door en uit de Orde van Octrooigemachtigden gekozen; zij treden om de twee jaar af en zijn terstond herkiesbaar; hun verkiezing wordt geregeld bij het in artikel 13, tweede lid, bedoelde huishoudelijk reglement; het vijfde lid van artikel 15 is op hen van toepassing. Aan de Raad van Beroep wordt toegevoegd een secretaris, die door de Minister van Economische Zaken wordt benoemd.
3. Het beroep wordt ingesteld door het indienen van een met redenen omkleed beroepschrift in tweevoud, vergezeld van de beslissing waartegen het beroep is gericht. De Secretaris van de Raad van Beroep zendt een der exemplaren van het beroepschrift aan de Raad van Toezicht.
4. Artikel 18 is van overeenkomstige toepassing met dien verstande, dat van elke genomen beslissing eveneens onverwijld een afschrift wordt gezonden aan de Raad van Toezicht.
- Citeren als
- Art. 19
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001975
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl