BWBR0005730
Geldig vanaf 2018-01-01
Artikel 5.11
Aanwijzingen voor de regelgeving
1. Indien het toekennen van rechtspersoonlijkheid wenselijk is, wordt in de wet waarbij een zelfstandig bestuursorgaan wordt ingesteld het volgende model gebruikt:
1. Er is een [naam rechtspersoon waarvan het zelfstandig bestuursorgaan deel uitmaakt].
2. [naam rechtspersoon] is gevestigd te ... .
3. [naam rechtspersoon] bezit rechtspersoonlijkheid.
2. In de instellingswet wordt in dat geval, indien mogelijk, duidelijk onderscheid gemaakt tussen het zelfstandig bestuursorgaan en de rechtspersoon waarvan het zelfstandig bestuursorgaan deel uitmaakt. Daarbij wordt het volgende model gebruikt:
1. Aan het hoofd van [naam rechtspersoon waarvan het zelfstandig bestuursorgaan deel uitmaakt] staat [aanduiding zelfstandig bestuursorgaan].
2. [aanduiding zelfstandig bestuursorgaan] heeft tot taak ... / de volgende taken: ...
3. In de instellingswet wordt in dat geval de wijze van bekostiging van de rechtspersoon geregeld.
1. Er is een [naam rechtspersoon waarvan het zelfstandig bestuursorgaan deel uitmaakt].
2. [naam rechtspersoon] is gevestigd te ... .
3. [naam rechtspersoon] bezit rechtspersoonlijkheid.
2. In de instellingswet wordt in dat geval, indien mogelijk, duidelijk onderscheid gemaakt tussen het zelfstandig bestuursorgaan en de rechtspersoon waarvan het zelfstandig bestuursorgaan deel uitmaakt. Daarbij wordt het volgende model gebruikt:
1. Aan het hoofd van [naam rechtspersoon waarvan het zelfstandig bestuursorgaan deel uitmaakt] staat [aanduiding zelfstandig bestuursorgaan].
2. [aanduiding zelfstandig bestuursorgaan] heeft tot taak ... / de volgende taken: ...
3. In de instellingswet wordt in dat geval de wijze van bekostiging van de rechtspersoon geregeld.