BWBR0005730
Geldig vanaf 2018-01-01
Artikel 8.12
Aanwijzingen voor de regelgeving
1. Voor een voorstel van (rijks)wet tot goedkeuring van een verdrag wordt het volgende model gevolgd:
Goedkeuring van het op ... te ... tot stand gekomen verdrag ... [zie aanwijzing 3.38]
Wij Willem-Alexander, [zie verder aanwijzing 4.5]
(...)
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het op ... te ... tot stand gekomen verdrag ... ingevolge artikel 91, eerste lid, van de Grondwet de goedkeuring van de Staten-Generaal behoeft, alvorens het Koninkrijk daaraan kan worden gebonden;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State [van het Koninkrijk] gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, [de bepalingen van het Statuut voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde,] hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1
Het op ... te ... tot stand gekomen verdrag ... , waarvan de ... tekst [en de vertaling in het Nederlands] [is/zijn] geplaatst in Tractatenblad [jaartal], nr. [ nummer] , wordt goedgekeurd voor [Nederland / het Europese deel van Nederland / het Caribische deel van Nederland / voor Aruba / voor Curaçao / voor Sint Maarten / voor het gehele Koninkrijk].
Artikel 2
Deze [rijks]wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.
Lasten en bevelen ... [zie verder aanwijzing 4.31, eerste lid].
2. Voor de goedkeuring van een voorbehoud bij een verdrag wordt het volgende model gebruikt:
Artikel (...)
Goedgekeurd wordt dat bij de binding van het Koninkrijk aan het in artikel 1 genoemde verdrag voor [Nederland / het Europese deel van Nederland / het Caribische deel van Nederland / voor Aruba / voor Curaçao / voor Sint Maarten / voor het gehele Koninkrijk] het volgende voorbehoud wordt gemaakt: [tekst voorbehoud].
3. Voor een machtigingsbepaling als bedoeld in aanwijzing 8.8, tweede lid, wordt het volgende model gebruikt:
Artikel (...)
De besluiten, bedoeld in [artikel / de artikelen ...] van het in artikel 1 genoemde verdrag, behoeven niet de goedkeuring van de Staten-Generaal.
Goedkeuring van het op ... te ... tot stand gekomen verdrag ... [zie aanwijzing 3.38]
Wij Willem-Alexander, [zie verder aanwijzing 4.5]
(...)
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het op ... te ... tot stand gekomen verdrag ... ingevolge artikel 91, eerste lid, van de Grondwet de goedkeuring van de Staten-Generaal behoeft, alvorens het Koninkrijk daaraan kan worden gebonden;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State [van het Koninkrijk] gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, [de bepalingen van het Statuut voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde,] hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1
Het op ... te ... tot stand gekomen verdrag ... , waarvan de ... tekst [en de vertaling in het Nederlands] [is/zijn] geplaatst in Tractatenblad [jaartal], nr. [ nummer] , wordt goedgekeurd voor [Nederland / het Europese deel van Nederland / het Caribische deel van Nederland / voor Aruba / voor Curaçao / voor Sint Maarten / voor het gehele Koninkrijk].
Artikel 2
Deze [rijks]wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.
Lasten en bevelen ... [zie verder aanwijzing 4.31, eerste lid].
2. Voor de goedkeuring van een voorbehoud bij een verdrag wordt het volgende model gebruikt:
Artikel (...)
Goedgekeurd wordt dat bij de binding van het Koninkrijk aan het in artikel 1 genoemde verdrag voor [Nederland / het Europese deel van Nederland / het Caribische deel van Nederland / voor Aruba / voor Curaçao / voor Sint Maarten / voor het gehele Koninkrijk] het volgende voorbehoud wordt gemaakt: [tekst voorbehoud].
3. Voor een machtigingsbepaling als bedoeld in aanwijzing 8.8, tweede lid, wordt het volgende model gebruikt:
Artikel (...)
De besluiten, bedoeld in [artikel / de artikelen ...] van het in artikel 1 genoemde verdrag, behoeven niet de goedkeuring van de Staten-Generaal.