BWBR0011128
Geldig vanaf 01-01-2000
Artikel 9
Verordening gezondheidsvoorschriften vissersvaartuigen 2000
1. Een fabrieksvaartuig moet ten minste beschikken voer:
a. een ontvangstzone die uitsluitend bestemd is voor het aan boord brengen van visserijproducten en die qua ontwerp en indeling uit een reeks van boxen van voldoende grootte bestaat, zodat een aan boord gebrachte hoeveelheid producten van de daarop volgende hoeveelheid kan worden gescheiden; de ontvangstzone en de demonteerbare onderdelen ervan moeten gemakkelijk kunnen worden gereinigd; de ontvangstzone moet zo zijn ontworpen dat de producten worden beschermd tegen de zon en slecht weer, alsmede tegen alle vuil en iedere bron van besmetting;
b. een systeem voor het transport van de visserijproducten van de ontvangstzone naar de werkplaats, dat gemakkelijk kan worden gereinigd;
c. een werkplaats voor de be- of verwerking van visserijproducten die groot genoeg is om de werkzaamheden in bevredigende hygiënische omstandigheden te laten verlopen en die zo zijn ontworpen en ingedeeld dat iedere besmetting van de producten wordt voorkomen;
d. een opslagruimte voor de eindproducten die van voldoende grootte is en die zo is ontworpen dat zij gemakkelijk gereinigd kan worden;
e. een aparte opslagruimte voor de bijproducten indien aan boord een installatie voor de be- of verwerking van afval tot bijproducten, in bedrijf is;
f. een opslagruimte voor het verpakkingsmateriaal, die afgescheiden moet zijn van de ruimten voor de be- en verwerking van de visserijproducten;
g. speciale apparatuur om afval en niet voor menselijke consumptie geschikte visserijproducten, hetzij rechtstreeks in zee te storten, hetzij - als de omstandigheden dit vereisen - in een uitsluitend daartoe bestemd waterdicht vat te storten;
h. een aparte opslagruimte voor de opslag van afval en niet voor menselijke consumptie geschikte visserijproducten, indien deze aan boord worden opgeslagen;
i. een aparte ruimte voor de zuivering van afval en niet voor menselijke consumptie geschikte visserijproducten, indien deze behandeling aan boord geschiedt;
j. een installatie die drinkwater of schoon zeewater onder druk levert; de opening voor het oppompen van zeewater moet zich op een zodanige plaats bevinden dat de kwaliteit van het opgepompte water niet heeft te lijden onder het in zee storten van afvalwater, afval en koelwater van de motoren;
k. een voldoende aantal kleedlokalen, wastafels en toiletten; de toiletten mogen niet rechtstreeks toegang geven tot de werkplaatsen en opslagruimten; bij de wastafels dienen voldoende producten aanwezig te zijn voor het reinigen van de handen, alsmede voldoende wegwerphanddoeken; de kranen van de wastafels mogen niet met de hand kunnen worden bediend; bij ieder toilet moet een duidelijk leesbare kennisgeving zijn aangebracht waarin de werknemer erop wordt gewezen dat hij zijn handen moet wassen na elk gebruik van het toilet.
2. Een werkplaats, als bedoeld in het eerste lid, onder c, alsmede een plaats waar de visserijproducten worden ingevroren of diepgevroren, moeten voorzien zijn van:
a. een gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten anti-slipvloer, met voorzieningen voor een vlotte waterafvoer; de op de vloer bevestigde structuren en apparaten moeten voorzien zijn van waterloosgaten die groot genoeg zijn om niet met visafval verstopt te raken en om het water gemakkelijk re laten wegvloeien;
b. wanden en plafonds die gemakkelijk kunnen worden gereinigd, in het bijzonder op de plaatsen waar buizen, kettingen of elektrische leidingen liggen;
c. hydraulische circuits die dusdanig zijn geplaatst of beschermd dat de visserijproducten niet kunnen worden verontreinigd door een eventuele olielekkage;
d. voldoende luchtverversing en, indien nodig, een goede dampafvoer;
e. voldoende verlichting;
f. voorzieningen voor het reinigen en ontsmetten van het gereedschap, de werktuigen, de machines en de installaties;
g. wastafels waarbij voldoende producten voor het reinigen en ontsmetten van de handen en voldoende wegwerphanddoeken aanwezig zijn; de kranen mogen niet met de hand kunnen worden bediend.
3. Het gereedschap, de werktuigen, machines en installaties die bij de be- en verwerking van visserijproducten worden gebruikt, moeten vervaardigd zijn uit materiaal dat bestand is tegen corrosie door zeewater; zij moeten gemakkelijk kunnen worden gereinigd en ontsmet en zij moeten in goede staat worden gehouden.
a. een ontvangstzone die uitsluitend bestemd is voor het aan boord brengen van visserijproducten en die qua ontwerp en indeling uit een reeks van boxen van voldoende grootte bestaat, zodat een aan boord gebrachte hoeveelheid producten van de daarop volgende hoeveelheid kan worden gescheiden; de ontvangstzone en de demonteerbare onderdelen ervan moeten gemakkelijk kunnen worden gereinigd; de ontvangstzone moet zo zijn ontworpen dat de producten worden beschermd tegen de zon en slecht weer, alsmede tegen alle vuil en iedere bron van besmetting;
b. een systeem voor het transport van de visserijproducten van de ontvangstzone naar de werkplaats, dat gemakkelijk kan worden gereinigd;
c. een werkplaats voor de be- of verwerking van visserijproducten die groot genoeg is om de werkzaamheden in bevredigende hygiënische omstandigheden te laten verlopen en die zo zijn ontworpen en ingedeeld dat iedere besmetting van de producten wordt voorkomen;
d. een opslagruimte voor de eindproducten die van voldoende grootte is en die zo is ontworpen dat zij gemakkelijk gereinigd kan worden;
e. een aparte opslagruimte voor de bijproducten indien aan boord een installatie voor de be- of verwerking van afval tot bijproducten, in bedrijf is;
f. een opslagruimte voor het verpakkingsmateriaal, die afgescheiden moet zijn van de ruimten voor de be- en verwerking van de visserijproducten;
g. speciale apparatuur om afval en niet voor menselijke consumptie geschikte visserijproducten, hetzij rechtstreeks in zee te storten, hetzij - als de omstandigheden dit vereisen - in een uitsluitend daartoe bestemd waterdicht vat te storten;
h. een aparte opslagruimte voor de opslag van afval en niet voor menselijke consumptie geschikte visserijproducten, indien deze aan boord worden opgeslagen;
i. een aparte ruimte voor de zuivering van afval en niet voor menselijke consumptie geschikte visserijproducten, indien deze behandeling aan boord geschiedt;
j. een installatie die drinkwater of schoon zeewater onder druk levert; de opening voor het oppompen van zeewater moet zich op een zodanige plaats bevinden dat de kwaliteit van het opgepompte water niet heeft te lijden onder het in zee storten van afvalwater, afval en koelwater van de motoren;
k. een voldoende aantal kleedlokalen, wastafels en toiletten; de toiletten mogen niet rechtstreeks toegang geven tot de werkplaatsen en opslagruimten; bij de wastafels dienen voldoende producten aanwezig te zijn voor het reinigen van de handen, alsmede voldoende wegwerphanddoeken; de kranen van de wastafels mogen niet met de hand kunnen worden bediend; bij ieder toilet moet een duidelijk leesbare kennisgeving zijn aangebracht waarin de werknemer erop wordt gewezen dat hij zijn handen moet wassen na elk gebruik van het toilet.
2. Een werkplaats, als bedoeld in het eerste lid, onder c, alsmede een plaats waar de visserijproducten worden ingevroren of diepgevroren, moeten voorzien zijn van:
a. een gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten anti-slipvloer, met voorzieningen voor een vlotte waterafvoer; de op de vloer bevestigde structuren en apparaten moeten voorzien zijn van waterloosgaten die groot genoeg zijn om niet met visafval verstopt te raken en om het water gemakkelijk re laten wegvloeien;
b. wanden en plafonds die gemakkelijk kunnen worden gereinigd, in het bijzonder op de plaatsen waar buizen, kettingen of elektrische leidingen liggen;
c. hydraulische circuits die dusdanig zijn geplaatst of beschermd dat de visserijproducten niet kunnen worden verontreinigd door een eventuele olielekkage;
d. voldoende luchtverversing en, indien nodig, een goede dampafvoer;
e. voldoende verlichting;
f. voorzieningen voor het reinigen en ontsmetten van het gereedschap, de werktuigen, de machines en de installaties;
g. wastafels waarbij voldoende producten voor het reinigen en ontsmetten van de handen en voldoende wegwerphanddoeken aanwezig zijn; de kranen mogen niet met de hand kunnen worden bediend.
3. Het gereedschap, de werktuigen, machines en installaties die bij de be- en verwerking van visserijproducten worden gebruikt, moeten vervaardigd zijn uit materiaal dat bestand is tegen corrosie door zeewater; zij moeten gemakkelijk kunnen worden gereinigd en ontsmet en zij moeten in goede staat worden gehouden.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0011128
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl