BWBR0026054
Geldig vanaf 2009-10-01
Artikel 23
Wet investeren in jongeren
1. Geen recht op een werkleeraanbod heeft de jongere, die:
a. uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs volgt;
b. rechtens zijn vrijheid is ontnomen;
c. zich onttrekt aan de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel;
d. zijn militaire of vervangende dienstplicht vervult;
e. onbetaald verlof geniet als bedoeld in artikel 1, onderdeel g, van de Werkloosheidswet;
f. een zelfstandige is die aanspraak kan maken op bijstand op grond van artikel 78f van de Wet werk en bijstand.
2. Het eerste lid, onderdeel a, is niet van toepassing op de jongere die een opleiding als bedoeld in artikel 7.3.1, eerste lid, onderdelen b, c of d, van de Wet educatie en beroepsonderwijsvolgt.
3. Het eerste lid, onderdeel b, is niet van toepassing op bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën personen waarbij tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel plaatsvindt binnen of buiten een penitentiaire inrichting, een inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden of een inrichting als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen.
a. uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs volgt;
b. rechtens zijn vrijheid is ontnomen;
c. zich onttrekt aan de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel;
d. zijn militaire of vervangende dienstplicht vervult;
e. onbetaald verlof geniet als bedoeld in artikel 1, onderdeel g, van de Werkloosheidswet;
f. een zelfstandige is die aanspraak kan maken op bijstand op grond van artikel 78f van de Wet werk en bijstand.
2. Het eerste lid, onderdeel a, is niet van toepassing op de jongere die een opleiding als bedoeld in artikel 7.3.1, eerste lid, onderdelen b, c of d, van de Wet educatie en beroepsonderwijsvolgt.
3. Het eerste lid, onderdeel b, is niet van toepassing op bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën personen waarbij tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel plaatsvindt binnen of buiten een penitentiaire inrichting, een inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden of een inrichting als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen.