BWBR0002460
Geldig vanaf 1999-07-01
Artikel 1x9
Ziekenfondswet
1. Het College toezicht kan een ziekenfonds geheel of gedeeltelijk onder bewind stellen indien het van oordeel is dat bij het ziekenfonds sprake is van wanbeheer of dat een toestand dreigt te ontstaan waarin het ziekenfonds zijn taak niet naar behoren vervult. De onderbewindstelling beslaat ten hoogste twee jaar en kan telkens met ten hoogste een jaar worden verlengd.
2. Onder onderbewindstelling wordt verstaan het slechts mogen uitoefenen van bevoegdheden met toestemming van een of meer door het College toezicht aangewezen personen en met inachtneming van de opdrachten van deze personen.
3. Een besluit tot onderbewindstelling of tot verlenging daarvan bevat ten minste:
a. de tijdstippen waarop het bewind ingaat en eindigt,
b. de naam van de persoon of personen die het bewind voeren,
c. een beschrijving van de taken en bevoegdheden van de bewindvoerders,
d. voor zover het niet betreft alle activiteiten of onderdelen van een ziekenfonds, een aanduiding van de activiteiten of onderdelen van het ziekenfonds waarop de onderbewindstelling betrekking heeft.
4. Het College toezicht brengt een besluit tot onderbewindstelling onverwijld ter kennis van het ziekenfonds, het College zorgverzekeringen en Onze Minister.
5. Het ziekenfonds is verplicht te handelen overeenkomstig de opdrachten van de bewindvoerders.
6. Het College toezicht kan een bewindvoerder tussentijds vervangen.
7. Voor schade ten gevolge van een handeling die is verricht in strijd met het besluit tot onderbewindstelling, is degene die deze handeling als orgaan van het ziekenfonds heeft verricht, persoonlijk aansprakelijk tegenover het ziekenfonds. De vernietigbaarheid van de handeling kan worden ingeroepen door het ziekenfonds, indien de wederpartij wist of daarvan niet onkundig kon zijn, dat deze handeling in strijd was met het besluit tot onderbewindstelling.
8. De kosten die de bewindvoerders maken ter uitvoering van de aan hen opgedragen taken, alsmede het honorarium van de bewindvoerders komen ten laste van het ziekenfonds.
2. Onder onderbewindstelling wordt verstaan het slechts mogen uitoefenen van bevoegdheden met toestemming van een of meer door het College toezicht aangewezen personen en met inachtneming van de opdrachten van deze personen.
3. Een besluit tot onderbewindstelling of tot verlenging daarvan bevat ten minste:
a. de tijdstippen waarop het bewind ingaat en eindigt,
b. de naam van de persoon of personen die het bewind voeren,
c. een beschrijving van de taken en bevoegdheden van de bewindvoerders,
d. voor zover het niet betreft alle activiteiten of onderdelen van een ziekenfonds, een aanduiding van de activiteiten of onderdelen van het ziekenfonds waarop de onderbewindstelling betrekking heeft.
4. Het College toezicht brengt een besluit tot onderbewindstelling onverwijld ter kennis van het ziekenfonds, het College zorgverzekeringen en Onze Minister.
5. Het ziekenfonds is verplicht te handelen overeenkomstig de opdrachten van de bewindvoerders.
6. Het College toezicht kan een bewindvoerder tussentijds vervangen.
7. Voor schade ten gevolge van een handeling die is verricht in strijd met het besluit tot onderbewindstelling, is degene die deze handeling als orgaan van het ziekenfonds heeft verricht, persoonlijk aansprakelijk tegenover het ziekenfonds. De vernietigbaarheid van de handeling kan worden ingeroepen door het ziekenfonds, indien de wederpartij wist of daarvan niet onkundig kon zijn, dat deze handeling in strijd was met het besluit tot onderbewindstelling.
8. De kosten die de bewindvoerders maken ter uitvoering van de aan hen opgedragen taken, alsmede het honorarium van de bewindvoerders komen ten laste van het ziekenfonds.