1. De voorzitter kan, binnen het kader van door het bestuur bij besluit vastgestelde richtlijnen en voor zover het belang van de bewaking en bestrijding van Salmonella zich daartegen niet verzet, op schriftelijk verzoek van de ondernemer ontheffing aan de ondernemer verlenen van het bepaalde in artikel 2, eerste lid, artikel 3, artikel 5, tiende lid, artikel 6, tweede en derde lid, artikel 9, eerste en tweede lid, artikel 11, tiende en elfde lid, artikel 12, artikel 14, zesde lid, en artikel 21, eerste en tweede lid, van deze verordening, en aan zodanige ontheffing voorschriften en beperkingen verbinden.
2. Het bestuur kan bij besluit vrijstelling aan ondernemers dan wel aan een groep van te onderscheiden categorieën ondernemers verlenen van het bepaalde in artikel 2, eerste lid, artikel 3, artikel 5, tiende lid, artikel 6, tweede en derde lid, artikel 9, eerste en tweede lid, artikel 11, tiende en elfde lid, artikel 12, artikel 14, zesde lid, en artikel 21, eerste en tweede lid, van deze verordening aan ondernemers dan wel aan een groep van te onderscheiden categorieën ondernemers, en aan een zodanige vrijstelling voorschriften en beperkingen verbinden.
3. Een verleende ontheffing kan te allen tijde door de voorzitter worden ingetrokken en een verleende vrijstelling kan te allen tijde door het bestuur worden ingetrokken.