BWBR0003127
Geldig vanaf 1998-03-18
Artikel 52
Besluit bereiding en aflevering van farmaceutische producten
1. Het is verboden een farmaceutisch product af te leveren:
a. in een andere verpakking dan die waarin het in de handel is gebracht;
b. indien de in artikel 14, eerste lid, onder c, bedoelde sluiting is beschadigd;
c. waarvan de datum tot welke het farmaceutische product geschikt voor gebruik wordt geacht, is verstreken;
d. indien de vermeldingen, bedoeld in paragraaf 2 van het Besluit etikettering en bijsluiter farmaceutisch producten, onleesbaar zijn gemaakt, gewijzigd of aangevuld.
2. Het eerste lid, onder a, geldt niet ten aanzien van apothekers en apotheekhoudende artsen, indien:
a. het betreft farmaceutische producten, welke blijkens de verpakking waarin zij zich bevinden kennelijk niet bestemd zijn om in die verpakking aan particuliere verbruikers te worden afgeleverd;
b. op een recept is vermeld dat de aflevering van een farmaceutisch product niet mag geschieden in de in dat lid, onder a, bedoelde verpakking;
c. de op een recept voorgeschreven hoeveelheid van een farmaceutisch product afwijkt van die welke zich bevindt in een in dat lid, onder a, bedoelde verpakking.
3. Het eerste lid, onder b, geldt niet indien een apotheker of apotheekhoudende arts de sluiting heeft verbroken ter controle van het farmaceutische product, mits hij daarna op de in het eerste lid, onder a, bedoelde verpakking een sluiting, voorzien van zijn naam, aanbrengt.
4. Het eerste lid, onder d, geldt niet ten aanzien van apothekers en apotheekhoudende artsen die een farmaceutisch product op recept afleveren.
a. in een andere verpakking dan die waarin het in de handel is gebracht;
b. indien de in artikel 14, eerste lid, onder c, bedoelde sluiting is beschadigd;
c. waarvan de datum tot welke het farmaceutische product geschikt voor gebruik wordt geacht, is verstreken;
d. indien de vermeldingen, bedoeld in paragraaf 2 van het Besluit etikettering en bijsluiter farmaceutisch producten, onleesbaar zijn gemaakt, gewijzigd of aangevuld.
2. Het eerste lid, onder a, geldt niet ten aanzien van apothekers en apotheekhoudende artsen, indien:
a. het betreft farmaceutische producten, welke blijkens de verpakking waarin zij zich bevinden kennelijk niet bestemd zijn om in die verpakking aan particuliere verbruikers te worden afgeleverd;
b. op een recept is vermeld dat de aflevering van een farmaceutisch product niet mag geschieden in de in dat lid, onder a, bedoelde verpakking;
c. de op een recept voorgeschreven hoeveelheid van een farmaceutisch product afwijkt van die welke zich bevindt in een in dat lid, onder a, bedoelde verpakking.
3. Het eerste lid, onder b, geldt niet indien een apotheker of apotheekhoudende arts de sluiting heeft verbroken ter controle van het farmaceutische product, mits hij daarna op de in het eerste lid, onder a, bedoelde verpakking een sluiting, voorzien van zijn naam, aanbrengt.
4. Het eerste lid, onder d, geldt niet ten aanzien van apothekers en apotheekhoudende artsen die een farmaceutisch product op recept afleveren.