BWBR0004147
Geldig vanaf 2009-12-07
Artikel 21
Besluit emissie-eisen stookinstallaties milieubeheer A
1. De artikelen 20en 20azijn niet van toepassing op een gasturbine die onderdeel uitmaakt van een combinatie van een gasturbine met een andere stookinstallatie, zonder dat deze combinatie een gasturbine-installatie in de zin van artikel 1vormt.
2. Voor een combinatie van installaties als bedoeld in het eerste lid geldt voor de uitworp van stikstofoxiden met het rookgas uitsluitend de emissie-eis voor die andere stookinstallatie, met dien verstande dat het thermisch vermogen daarvan gesteld wordt op de som van de thermische vermogens van die stookinstallatie en de gasturbine.
3. Indien in een geval als bedoeld in het tweede lid artikel 13, derde lid, onder b, of vierde lid, onder b, van toepassing is, geldt in plaats van de in die leden vermelde waarde van 200 mg/m 3voor stookinstallaties met een thermisch vermogen van minder dan 500 MW een waarde van 240 mg/m 3en voor stookinstallaties met een thermisch vermogen van 500 MW of meer tot 1 januari 2008 een waarde van 240 mg/m 3en na die datum een waarde van 200 mg/m 3.
2. Voor een combinatie van installaties als bedoeld in het eerste lid geldt voor de uitworp van stikstofoxiden met het rookgas uitsluitend de emissie-eis voor die andere stookinstallatie, met dien verstande dat het thermisch vermogen daarvan gesteld wordt op de som van de thermische vermogens van die stookinstallatie en de gasturbine.
3. Indien in een geval als bedoeld in het tweede lid artikel 13, derde lid, onder b, of vierde lid, onder b, van toepassing is, geldt in plaats van de in die leden vermelde waarde van 200 mg/m 3voor stookinstallaties met een thermisch vermogen van minder dan 500 MW een waarde van 240 mg/m 3en voor stookinstallaties met een thermisch vermogen van 500 MW of meer tot 1 januari 2008 een waarde van 240 mg/m 3en na die datum een waarde van 200 mg/m 3.