BWBR0030385
Geldig vanaf 18-07-2007
Artikel 12a
Nadere Voorschriften op de praktijkstage
1. Het Bestuur beoordeelt het Jaarplan, met inachtneming van het oordeel van de Stagemeester en binnen de termijnen, bedoeld in artikel 15.
2. Bij de beoordeling van het Jaarplan stelt het Bestuur vast dat:
a. De in het kader van de Praktijkstage door de Trainee te besteden tijd voldoet aan de gestelde eisen, zowel betreffende de Praktijkstage als geheel als elk afzonderlijk jaar daarvan;
b. Alle verplicht gestelde onderdelen tijdens de Praktijkstage aan de orde komen en dat de realisatie van de plannen past binnen de eigen doelstellingen van de werkgever;
c. Het Jaarplan aansluiting vindt bij hetgeen is gerealiseerd in de voorgaande periode;
d. De tot het begin van het jaar behaalde studieresultaten zijn vermeld en de gevolgen hiervan voor het verdere verloop van de Praktijkstage in het plan zijn verwerkt;
e. Indien overige werkzaamheden zijn opgenomen, de realisatie daarvan past binnen de eigen doelstellingen van de werkgever;
f. De werkzaamheden voldoende spreiding vertonen over bedrijfstypen en soorten opdrachten;
g. De opbouw van de werkzaamheden zodanig is dat tijdig in de Praktijkstage vaardigheden op het gewenste (eind)niveau worden verkregen;
h. Duidelijk blijkt met welke werkzaamheden vaardigheden op het gewenste eindniveau worden verkregen;
i. In voldoende mate wordt uitgewerkt in welke werk/cliëntomgeving de vaardigheden worden verkregen en welke rol de Trainee bij de uitvoering van de opdrachten in het team zal vervullen;
j. De Trainee op eigen wijze inhoud geeft aan de persoonlijke (leer-)doelstellingen die hij in het betreffende jaar wil bereiken en deze goed heeft geformuleerd; en
k. Het Jaarplan redelijke zekerheid biedt dat de beoogde vaardigheden zullen worden verkregen en dat het tevens een goede basis vormt voor de op te stellen Stageverslagen.
3. Goedkeuring van het Jaarplan door het Bestuur vindt plaats door middel van een aantekening onder het Jaarplan of een schriftelijke bevestiging van goedkeuring, welke onderdeel uitmaakt van het Jaarplan.
4. Indien het Bestuur het Jaarplan niet goedkeurt, voorziet het Bestuur het Jaarplan van commentaar.
5. De Trainee past het Jaarplan aan conform het ontvangen commentaar hierop van het Bestuur en legt dit Jaarplan opnieuw voor aan het Bestuur ter goedkeuring.
2. Bij de beoordeling van het Jaarplan stelt het Bestuur vast dat:
a. De in het kader van de Praktijkstage door de Trainee te besteden tijd voldoet aan de gestelde eisen, zowel betreffende de Praktijkstage als geheel als elk afzonderlijk jaar daarvan;
b. Alle verplicht gestelde onderdelen tijdens de Praktijkstage aan de orde komen en dat de realisatie van de plannen past binnen de eigen doelstellingen van de werkgever;
c. Het Jaarplan aansluiting vindt bij hetgeen is gerealiseerd in de voorgaande periode;
d. De tot het begin van het jaar behaalde studieresultaten zijn vermeld en de gevolgen hiervan voor het verdere verloop van de Praktijkstage in het plan zijn verwerkt;
e. Indien overige werkzaamheden zijn opgenomen, de realisatie daarvan past binnen de eigen doelstellingen van de werkgever;
f. De werkzaamheden voldoende spreiding vertonen over bedrijfstypen en soorten opdrachten;
g. De opbouw van de werkzaamheden zodanig is dat tijdig in de Praktijkstage vaardigheden op het gewenste (eind)niveau worden verkregen;
h. Duidelijk blijkt met welke werkzaamheden vaardigheden op het gewenste eindniveau worden verkregen;
i. In voldoende mate wordt uitgewerkt in welke werk/cliëntomgeving de vaardigheden worden verkregen en welke rol de Trainee bij de uitvoering van de opdrachten in het team zal vervullen;
j. De Trainee op eigen wijze inhoud geeft aan de persoonlijke (leer-)doelstellingen die hij in het betreffende jaar wil bereiken en deze goed heeft geformuleerd; en
k. Het Jaarplan redelijke zekerheid biedt dat de beoogde vaardigheden zullen worden verkregen en dat het tevens een goede basis vormt voor de op te stellen Stageverslagen.
3. Goedkeuring van het Jaarplan door het Bestuur vindt plaats door middel van een aantekening onder het Jaarplan of een schriftelijke bevestiging van goedkeuring, welke onderdeel uitmaakt van het Jaarplan.
4. Indien het Bestuur het Jaarplan niet goedkeurt, voorziet het Bestuur het Jaarplan van commentaar.
5. De Trainee past het Jaarplan aan conform het ontvangen commentaar hierop van het Bestuur en legt dit Jaarplan opnieuw voor aan het Bestuur ter goedkeuring.
- Citeren als
- Art. 12a
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0030385
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl