BWBR0030385
Geldig vanaf 18-07-2007
Artikel 5
Nadere Voorschriften op de praktijkstage
1. Voor de aanmelding voor het eerste jaar van de Praktijkstage maakt de Trainee gebruik van het Aanmeldingsformulier Praktijkstage met als bijlage een door het Bestuur op te stellen en door de Onderwijsinstelling af te geven Toelatingsverklaring, waaruit blijkt dat de Trainee voldoet aan de toelatingseisen als opgenomen in artikel 9 van de Verordening op de praktijkstage.
2. Voor de aanmelding voor het derde jaar van de Praktijkstage maakt de Trainee gebruik van het Aanmeldingsformulier Praktijkstage met als bijlagen een door het Bestuur op te stellen en door de Onderwijsinstelling af te geven Toelatingsverklaring en een door het Bestuur op te stellen en door de Stagemeester af te geven verklaring, waaruit blijkt dat de Trainee voldoet aan de toelatingseisen tot het derde jaar van de Praktijkstage, bedoeld in lid 3 van dit artikel.
3. Het Bestuur laat tot het derde jaar van de Praktijkstage toe degene die:
a. in alle vakken van het postinitiële deel van een aangewezen accountantsopleiding en van de hieraan voorafgaande masteropleiding alle (deel)tentamens heeft afgelegd en maximaal één (deel)tentamen dient te herkansen om alle vakken te hebben behaald; en
b. naar verwachting van de Stagemeester, die betrokken is bij het opstellen van het derde jaarplan van de Trainee, gedurende het derde stagejaar het niveau van beginnend beroepsbeoefenaar zal bereiken.
De afronding van de masterscriptie behoort niet tot de toelatingseisen tot het derde jaar van de Praktijkstage.
4. Het Bestuur beslist op basis van de Aanmeldingsformulieren Praktijkstage met bijlage of de Trainee tot het eerste dan wel het derde stagejaar wordt toegelaten en stelt de Trainee hiervan schriftelijk op de hoogte.
5. De Trainee kan alleen op de eerste dag van de maand met het eerste dan wel het derde stagejaar aanvangen.
2. Voor de aanmelding voor het derde jaar van de Praktijkstage maakt de Trainee gebruik van het Aanmeldingsformulier Praktijkstage met als bijlagen een door het Bestuur op te stellen en door de Onderwijsinstelling af te geven Toelatingsverklaring en een door het Bestuur op te stellen en door de Stagemeester af te geven verklaring, waaruit blijkt dat de Trainee voldoet aan de toelatingseisen tot het derde jaar van de Praktijkstage, bedoeld in lid 3 van dit artikel.
3. Het Bestuur laat tot het derde jaar van de Praktijkstage toe degene die:
a. in alle vakken van het postinitiële deel van een aangewezen accountantsopleiding en van de hieraan voorafgaande masteropleiding alle (deel)tentamens heeft afgelegd en maximaal één (deel)tentamen dient te herkansen om alle vakken te hebben behaald; en
b. naar verwachting van de Stagemeester, die betrokken is bij het opstellen van het derde jaarplan van de Trainee, gedurende het derde stagejaar het niveau van beginnend beroepsbeoefenaar zal bereiken.
De afronding van de masterscriptie behoort niet tot de toelatingseisen tot het derde jaar van de Praktijkstage.
4. Het Bestuur beslist op basis van de Aanmeldingsformulieren Praktijkstage met bijlage of de Trainee tot het eerste dan wel het derde stagejaar wordt toegelaten en stelt de Trainee hiervan schriftelijk op de hoogte.
5. De Trainee kan alleen op de eerste dag van de maand met het eerste dan wel het derde stagejaar aanvangen.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0030385
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl