BWBR0053154
Geldig vanaf 01-10-2026
Artikel 19
Regeling Nederlandse identiteitskaart
1. De verklaring van toestemming, bedoeld in de artikelen 22 en 23 van de wet, wordt schriftelijk overgelegd.
2. In de verklaring van toestemming worden tevens de naam en de handtekening vermeld van degene die de aanvraag ten behoeve van een handelingsonbekwame indient.
3. Indien gebruik wordt gemaakt van het aanvraag-informatieformulier kan voor het overleggen van de verklaring van toestemming worden volstaan met het ondertekenen of medeondertekenen van dat formulier door degenen die het gezag over de minderjarige uitoefenen.
4. In de aanvraag wordt melding gemaakt van de overlegging van de betreffende verklaring van toestemming.
2. In de verklaring van toestemming worden tevens de naam en de handtekening vermeld van degene die de aanvraag ten behoeve van een handelingsonbekwame indient.
3. Indien gebruik wordt gemaakt van het aanvraag-informatieformulier kan voor het overleggen van de verklaring van toestemming worden volstaan met het ondertekenen of medeondertekenen van dat formulier door degenen die het gezag over de minderjarige uitoefenen.
4. In de aanvraag wordt melding gemaakt van de overlegging van de betreffende verklaring van toestemming.
- Citeren als
- Art. 19
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0053154
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl