BWBR0053154
Geldig vanaf 01-10-2026
Artikel 54
Regeling Nederlandse identiteitskaart
1. De Minister die het aangaat kan een Nederlandse identiteitskaart als vermist opgeven bij de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, met het oog op de vermelding daarvan in het register vermiste of vervallen reisdocumenten, indien:
a. de houder van de Nederlandse identiteitskaart is opgenomen in het register paspoortsignaleringen op de grond van artikel 23 van de Paspoortwet; en
b. de Minister die het aangaat het gegronde vermoeden heeft dat de houder de feitelijke beschikking over zijn Nederlandse identiteitskaart buiten het Koninkrijk heeft overgedragen aan een derde, anders dan door of ten behoeve van handelingen van een daartoe bevoegde autoriteit.
2. De Minister die het aangaat geeft de Nederlandse identiteitskaart als vermist op met gebruikmaking van de daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde dienst.
a. de houder van de Nederlandse identiteitskaart is opgenomen in het register paspoortsignaleringen op de grond van artikel 23 van de Paspoortwet; en
b. de Minister die het aangaat het gegronde vermoeden heeft dat de houder de feitelijke beschikking over zijn Nederlandse identiteitskaart buiten het Koninkrijk heeft overgedragen aan een derde, anders dan door of ten behoeve van handelingen van een daartoe bevoegde autoriteit.
2. De Minister die het aangaat geeft de Nederlandse identiteitskaart als vermist op met gebruikmaking van de daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde dienst.
- Citeren als
- Art. 54
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0053154
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl