BWBR0006727
Geldig vanaf 2004-12-06
Artikel 2.23a
Regeling keuring en handel dierlijke producten
1. Een partij die bestemd is:
a. voor Nederland of een derde land en die voldoet aan de in deze regeling voor het desbetreffende product gestelde voorschriften voor het brengen op Nederlands grondgebied, of
b. voor een lidstaat en die voldoet aan de voorschriften ter zake van het brengen van het desbetreffend product op het grondgebied van een desbetreffende lidstaat, wordt slechts in een op grond van artikel 2.23c, eerste lid, erkend douane- entrepot of erkend vrij entrepot opgeslagen indien in dat entrepot de in dit artikellid bedoelde producten gescheiden van de in het tweede lid bedoelde producten kunnen worden opgeslagen.
2. Opslag van een partij die bestemd is voor een derde land of van producten die bestemd zijn om aan zeevervoermiddelen te worden geleverd als proviand voor bemanning en passagiers vindt, indien de partij onderscheidenlijk de producten niet voldoen aan de in deze regeling voor het desbetreffende product gestelde voorschriften voor het brengen op Nederlands grondgebied, slechts plaats in een op grond van artikel 2.23c, eerste lid, erkend douane-entrepot of erkend vrij entrepot.
3. De in het eerste en tweede lid bedoelde opslag vindt slechts plaats indien de belanghebbende bij de lading voorafgaand aan de opslag heeft voldaan aan artikel 12, eerste lid, eerste zin, van richtlijn 97/78/EG, met dien verstande dat de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 12, eerste lid, eerste zin, van richtlijn 97/78/EGde minister, tweede lid, is.
a. voor Nederland of een derde land en die voldoet aan de in deze regeling voor het desbetreffende product gestelde voorschriften voor het brengen op Nederlands grondgebied, of
b. voor een lidstaat en die voldoet aan de voorschriften ter zake van het brengen van het desbetreffend product op het grondgebied van een desbetreffende lidstaat, wordt slechts in een op grond van artikel 2.23c, eerste lid, erkend douane- entrepot of erkend vrij entrepot opgeslagen indien in dat entrepot de in dit artikellid bedoelde producten gescheiden van de in het tweede lid bedoelde producten kunnen worden opgeslagen.
2. Opslag van een partij die bestemd is voor een derde land of van producten die bestemd zijn om aan zeevervoermiddelen te worden geleverd als proviand voor bemanning en passagiers vindt, indien de partij onderscheidenlijk de producten niet voldoen aan de in deze regeling voor het desbetreffende product gestelde voorschriften voor het brengen op Nederlands grondgebied, slechts plaats in een op grond van artikel 2.23c, eerste lid, erkend douane-entrepot of erkend vrij entrepot.
3. De in het eerste en tweede lid bedoelde opslag vindt slechts plaats indien de belanghebbende bij de lading voorafgaand aan de opslag heeft voldaan aan artikel 12, eerste lid, eerste zin, van richtlijn 97/78/EG, met dien verstande dat de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 12, eerste lid, eerste zin, van richtlijn 97/78/EGde minister, tweede lid, is.