BWBR0006727
Geldig vanaf 2004-12-06
Artikel 5.2
Regeling keuring en handel dierlijke producten
1. Vlees van vrij wild dat anders dan in doorvoer buiten Nederland wordt gebracht is voorzien van een keurmerk overeenkomstig hoofdstuk VII van bijlage I van richtlijn 92/45/EEG, met dien verstande dat ten aanzien van het aanbrengen van het keurmerk, bedoeld in hoofdstuk XII, punt 68, van bijlage I van richtlijn 71/118/EEG, van toepassing is op vlees van klein vrij wild.
2. Een partij vlees van vrij wild die anders dan in doorvoer buiten Nederland wordt gebracht gaat vergezeld van:
a. een door de keuringsdierenarts geviseerd handelsdocument, dat de gegevens, bedoeld in hoofdstuk VII, punt 2, van bijlage I van richtlijn 92/45/EEG, bevat, alsmede, in geval van ingevroren vlees, de niet-gecodeerde vermelding van de maand en het jaar van invriezing en een codenummer aan de hand waarvan de keuringsdierenarts kan worden geïdentificeerd, dan wel
b. een gezondheids- en veterinairrechtelijk certificaat waarvan het model overeenstemt met het model in bijlage II van richtlijn 92/45/EEG, wanneer het vlees: 1º. afkomstig is uit een inrichting die is gelegen in een gebied of zone waarvoor om veterinairrechtelijke redenen beperkingen gelden, met dien verstande dat op het certificaat de woorden ‘betreffende vlees van vrij wild dat is bestemd voor een Lid-Staat na doorvoer door een derde land’ worden doorgehaald, of
2º. voor een lid-staat is bestemd na doorvoer via een derde land in een met een loodje verzegelde vrachtwagen.
1º. afkomstig is uit een inrichting die is gelegen in een gebied of zone waarvoor om veterinairrechtelijke redenen beperkingen gelden, met dien verstande dat op het certificaat de woorden ‘betreffende vlees van vrij wild dat is bestemd voor een Lid-Staat na doorvoer door een derde land’ worden doorgehaald, of
2º. voor een lid-staat is bestemd na doorvoer via een derde land in een met een loodje verzegelde vrachtwagen.
3. Zolang de voorschriften voor het op het grondgebied van de Europese Gemeenschap brengen van vlees van vrij wild vanuit derde landen niet of slechts gedeeltelijk ingevolge de regelgeving van de Europese Gemeenschap zijn vastgesteld, is het anders dan in doorvoer buiten Nederland brengen van uit derde landen in Nederland ingevoerd vlees van vrij wild, bestemd voor een lid-staat, slechts toegestaan indien de lid-staat van bestemming heeft ingestemd met het op zijn grondgebied brengen van het vlees en is voldaan aan de ter zake door die lid-staat gestelde voorschriften.
a. is het vlees, in afwijking van het eerste lid, voorzien van het oorspronkelijke keurmerk bedoeld in artikel 5.11, eerst lid, onderdeel a, en
b. gaat de partij, in afwijking van het tweede lid, vergezeld van: 1º. een gewaarmerkt afschrift van het certificaat, bedoeld in artikel 5.11, eerste lid, onderdeel b, met dien verstande dat op dit afschrift of op een afzonderlijk certificaat, tevens door de keuringsdierenarts is verklaard dat de partij is ingevoerd overeenkomstig de Nederlandse voorschriften, dan wel
2º. een door de lid-staat van bestemming voorgeschreven certificaat.
1º. een gewaarmerkt afschrift van het certificaat, bedoeld in artikel 5.11, eerste lid, onderdeel b, met dien verstande dat op dit afschrift of op een afzonderlijk certificaat, tevens door de keuringsdierenarts is verklaard dat de partij is ingevoerd overeenkomstig de Nederlandse voorschriften, dan wel
2º. een door de lid-staat van bestemming voorgeschreven certificaat.
4. Indien een partij als bedoeld in het eerste lid in Nederland niet is verwerkt of omgepakt:
5. Indien een partij als bedoeld in het eerste lid in Nederland is verwerkt of omgepakt, blijkt uit het document bedoeld in artikel 5.2, tweede lid, tevens dat is voldaan aan de voorschriften van de lid-staat van bestemming.
6. Ten aanzien van vlees van vrij wild dat anders dan in doorvoerbuiten Nederland wordt gebracht, is voldaan aan de eisen, gesteld in de artikelen 4, eerste, tweede en zesde lid, 8, eerste lid, 9, eerste en derde lid, en 13 van verordening 1829/2003.
7. Het is een exploitant als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, van verordening 1830/2003, voorzover zijn activiteiten betrekking hebben op vlees van vrij wild, verboden te handelen in strijd met de artikelen 4, eerste, tweede, vierde en zesde lid, en 5, eerste en tweede lid, van die verordening.
2. Een partij vlees van vrij wild die anders dan in doorvoer buiten Nederland wordt gebracht gaat vergezeld van:
a. een door de keuringsdierenarts geviseerd handelsdocument, dat de gegevens, bedoeld in hoofdstuk VII, punt 2, van bijlage I van richtlijn 92/45/EEG, bevat, alsmede, in geval van ingevroren vlees, de niet-gecodeerde vermelding van de maand en het jaar van invriezing en een codenummer aan de hand waarvan de keuringsdierenarts kan worden geïdentificeerd, dan wel
b. een gezondheids- en veterinairrechtelijk certificaat waarvan het model overeenstemt met het model in bijlage II van richtlijn 92/45/EEG, wanneer het vlees: 1º. afkomstig is uit een inrichting die is gelegen in een gebied of zone waarvoor om veterinairrechtelijke redenen beperkingen gelden, met dien verstande dat op het certificaat de woorden ‘betreffende vlees van vrij wild dat is bestemd voor een Lid-Staat na doorvoer door een derde land’ worden doorgehaald, of
2º. voor een lid-staat is bestemd na doorvoer via een derde land in een met een loodje verzegelde vrachtwagen.
1º. afkomstig is uit een inrichting die is gelegen in een gebied of zone waarvoor om veterinairrechtelijke redenen beperkingen gelden, met dien verstande dat op het certificaat de woorden ‘betreffende vlees van vrij wild dat is bestemd voor een Lid-Staat na doorvoer door een derde land’ worden doorgehaald, of
2º. voor een lid-staat is bestemd na doorvoer via een derde land in een met een loodje verzegelde vrachtwagen.
3. Zolang de voorschriften voor het op het grondgebied van de Europese Gemeenschap brengen van vlees van vrij wild vanuit derde landen niet of slechts gedeeltelijk ingevolge de regelgeving van de Europese Gemeenschap zijn vastgesteld, is het anders dan in doorvoer buiten Nederland brengen van uit derde landen in Nederland ingevoerd vlees van vrij wild, bestemd voor een lid-staat, slechts toegestaan indien de lid-staat van bestemming heeft ingestemd met het op zijn grondgebied brengen van het vlees en is voldaan aan de ter zake door die lid-staat gestelde voorschriften.
a. is het vlees, in afwijking van het eerste lid, voorzien van het oorspronkelijke keurmerk bedoeld in artikel 5.11, eerst lid, onderdeel a, en
b. gaat de partij, in afwijking van het tweede lid, vergezeld van: 1º. een gewaarmerkt afschrift van het certificaat, bedoeld in artikel 5.11, eerste lid, onderdeel b, met dien verstande dat op dit afschrift of op een afzonderlijk certificaat, tevens door de keuringsdierenarts is verklaard dat de partij is ingevoerd overeenkomstig de Nederlandse voorschriften, dan wel
2º. een door de lid-staat van bestemming voorgeschreven certificaat.
1º. een gewaarmerkt afschrift van het certificaat, bedoeld in artikel 5.11, eerste lid, onderdeel b, met dien verstande dat op dit afschrift of op een afzonderlijk certificaat, tevens door de keuringsdierenarts is verklaard dat de partij is ingevoerd overeenkomstig de Nederlandse voorschriften, dan wel
2º. een door de lid-staat van bestemming voorgeschreven certificaat.
4. Indien een partij als bedoeld in het eerste lid in Nederland niet is verwerkt of omgepakt:
5. Indien een partij als bedoeld in het eerste lid in Nederland is verwerkt of omgepakt, blijkt uit het document bedoeld in artikel 5.2, tweede lid, tevens dat is voldaan aan de voorschriften van de lid-staat van bestemming.
6. Ten aanzien van vlees van vrij wild dat anders dan in doorvoerbuiten Nederland wordt gebracht, is voldaan aan de eisen, gesteld in de artikelen 4, eerste, tweede en zesde lid, 8, eerste lid, 9, eerste en derde lid, en 13 van verordening 1829/2003.
7. Het is een exploitant als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, van verordening 1830/2003, voorzover zijn activiteiten betrekking hebben op vlees van vrij wild, verboden te handelen in strijd met de artikelen 4, eerste, tweede, vierde en zesde lid, en 5, eerste en tweede lid, van die verordening.