BWBR0001908
Geldig vanaf 01-01-1991
Artikel 29
Octrooireglement
1. Behoudens het in de volgende leden bepaalde moeten aan de Octrooiraad aangeboden stukken, niet zijnde stukken als bedoeld in paragraaf 6A, in tweevoud worden ingediend.
2. De in de Rijksoctrooiwet met uitzondering van de artikelen 17A, 22I en 22J bedoelde verzoekschriften, alsmede de in die rijkswet bedoelde bezwaarschriften en memories van grieven moeten in vijfvoud worden ingediend.
3. De inzender van een memorie van grieven als in artikel 24A van de Rijksoctrooiwet bedoeld is verplicht vijf exemplaren van de beschrijving, waarop de beslissing in beroep wordt gevraagd, over te leggen.
4. De Octrooiraad zendt afschrift van een ingekomen verzoekschrift als bedoeld in de artikelen 22G, eerste lid, 22H, eerste lid, 25, vierde lid, 32, vierde lid, en 34, vijfde lid, van de Rijksoctrooiwet, alsmede van een ingekomen bezwaarschrift aan de aanvrager onderscheidenlijk de octrooihouder. Van een memorie van grieven als bedoeld in artikel 27 van die rijkswet, die is ingediend door de aanvrager, zendt de Octrooiraad een afschrift aan alle belanghebbenden bij de beslissing dienaangaande, van wier bestaan uit het octrooiregister blijkt. Van een memorie van grieven als bedoeld in artikel 27 van die rijkswet, die niet is ingediend door de aanvrager, zendt de Octrooiraad een afschrift aan de aanvrager. Bij de toezending van de in dit lid bedoelde afschriften deelt de Octrooiraad tevens de termijn mede binnen welke de betrokkene zijn schriftelijke opmerkingen ter zake aan de Octrooiraad kan doen toekomen. Deze opmerkingen moeten in vijfvoud worden ingediend.
5. Indien de Octrooiraad zulks verlangt, dient de inzender een groter aantal van de in de vorige leden bedoelde stukken dan in die leden is voorgeschreven over te leggen.
2. De in de Rijksoctrooiwet met uitzondering van de artikelen 17A, 22I en 22J bedoelde verzoekschriften, alsmede de in die rijkswet bedoelde bezwaarschriften en memories van grieven moeten in vijfvoud worden ingediend.
3. De inzender van een memorie van grieven als in artikel 24A van de Rijksoctrooiwet bedoeld is verplicht vijf exemplaren van de beschrijving, waarop de beslissing in beroep wordt gevraagd, over te leggen.
4. De Octrooiraad zendt afschrift van een ingekomen verzoekschrift als bedoeld in de artikelen 22G, eerste lid, 22H, eerste lid, 25, vierde lid, 32, vierde lid, en 34, vijfde lid, van de Rijksoctrooiwet, alsmede van een ingekomen bezwaarschrift aan de aanvrager onderscheidenlijk de octrooihouder. Van een memorie van grieven als bedoeld in artikel 27 van die rijkswet, die is ingediend door de aanvrager, zendt de Octrooiraad een afschrift aan alle belanghebbenden bij de beslissing dienaangaande, van wier bestaan uit het octrooiregister blijkt. Van een memorie van grieven als bedoeld in artikel 27 van die rijkswet, die niet is ingediend door de aanvrager, zendt de Octrooiraad een afschrift aan de aanvrager. Bij de toezending van de in dit lid bedoelde afschriften deelt de Octrooiraad tevens de termijn mede binnen welke de betrokkene zijn schriftelijke opmerkingen ter zake aan de Octrooiraad kan doen toekomen. Deze opmerkingen moeten in vijfvoud worden ingediend.
5. Indien de Octrooiraad zulks verlangt, dient de inzender een groter aantal van de in de vorige leden bedoelde stukken dan in die leden is voorgeschreven over te leggen.
- Wet
- Octrooireglement
- Citeren als
- Art. 29
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001908
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl