BWBR0001879
Geldig vanaf 01-01-1991
Artikel 25
Rijksoctrooiwet
1. De Octrooiraad maakt een aanvrage openbaar, indien geen beroep meer openstaat of de aanvrager van zijn recht van beroep afstand heeft gedaan en zodra door de aanvrager een bewijs is overgelegd, dat een bedrag, waarvan de hoegrootheid nader bij algemene maatregel van Rijksbestuur wordt vastgesteld, bij het Bureau voor de industriële eigendom is gestort, door vermelding van de daartoe strekkende besluiten in een door dat Bureau uit te geven blad. Binnen veertien dagen na de verschijning van dit blad doet de raad van de openbaarmaking van de aanvrage onder doorlopend nummer aantekening in een daartoe bestemd openbaar register. De aanvrage wordt geacht te zijn ingetrokken, indien het bewijs van storting niet is overgelegd, na een besluit tot openbaarmaking van een aanvraagafdeling, op de dag dat het besluit in gewijsde gaat, of na een dergelijk besluit van een afdeling van beroep, binnen één maand na dat besluit.
2. Tegelijk met de verschijning van het blad, waarin het besluit tot openbaarmaking is vermeld, geeft de Octrooiraad de bij de aanvrage behorende beschrijving en tekeningen uit in de vorm waarin tot openbaarmaking is besloten.
3. Binnen een termijn van vier maanden na de dagtekening van het in het eerste lid bedoelde blad kan door een ieder tegen de verlening van het aangevraagde octrooi bezwaar worden gemaakt door inzending bij de Octrooiraad van een met redenen omkleed bezwaarschrift, dat duidelijk naam en woonplaats van hem, door wie bezwaar wordt gemaakt, moet vermelden, en door deze of diens schriftelijk gemachtigde ondertekend moet zijn. De gemachtigde vertegenwoordigt de opposant voor de gehele behandeling van het bezwaarschrift, behoudens vervanging of herroeping. Indien de opposant niet in het Koninkrijk woont, is hij verplicht in Nederland domicilie te kiezen bij een gemachtigde. De bezwaren moeten gegrond zijn op de bepalingen dezer Rijkswet en kunnen, voor zover zij een rechtstreeks belanghebbende als bedoeld in artikel 9, 10 en 11 betreffen, slechts door deze worden ingesteld.
4. Hij die ingevolge artikel 12A het recht heeft in het octrooi als de uitvinder te worden vermeld, kan de Octrooiraad schriftelijk verzoeken, hetzij dat hij in het te verlenen octrooi als de uitvinder wordt vermeld, hetzij dat de in de openbaar gemaakte aanvrage opgenomen vermelding van een persoon als de uitvinder wordt verbeterd of weggelaten in het te verlenen octrooi. Het vorige lid is van overeenkomstige toepassing.
2. Tegelijk met de verschijning van het blad, waarin het besluit tot openbaarmaking is vermeld, geeft de Octrooiraad de bij de aanvrage behorende beschrijving en tekeningen uit in de vorm waarin tot openbaarmaking is besloten.
3. Binnen een termijn van vier maanden na de dagtekening van het in het eerste lid bedoelde blad kan door een ieder tegen de verlening van het aangevraagde octrooi bezwaar worden gemaakt door inzending bij de Octrooiraad van een met redenen omkleed bezwaarschrift, dat duidelijk naam en woonplaats van hem, door wie bezwaar wordt gemaakt, moet vermelden, en door deze of diens schriftelijk gemachtigde ondertekend moet zijn. De gemachtigde vertegenwoordigt de opposant voor de gehele behandeling van het bezwaarschrift, behoudens vervanging of herroeping. Indien de opposant niet in het Koninkrijk woont, is hij verplicht in Nederland domicilie te kiezen bij een gemachtigde. De bezwaren moeten gegrond zijn op de bepalingen dezer Rijkswet en kunnen, voor zover zij een rechtstreeks belanghebbende als bedoeld in artikel 9, 10 en 11 betreffen, slechts door deze worden ingesteld.
4. Hij die ingevolge artikel 12A het recht heeft in het octrooi als de uitvinder te worden vermeld, kan de Octrooiraad schriftelijk verzoeken, hetzij dat hij in het te verlenen octrooi als de uitvinder wordt vermeld, hetzij dat de in de openbaar gemaakte aanvrage opgenomen vermelding van een persoon als de uitvinder wordt verbeterd of weggelaten in het te verlenen octrooi. Het vorige lid is van overeenkomstige toepassing.
- Wet
- Rijksoctrooiwet
- Citeren als
- Art. 25
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001879
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl