BWBR0001879
Geldig vanaf 01-01-1991
Artikel 29K
Rijksoctrooiwet
1. De artikelen 20, 21A, 22, eerste lid, eerste volzin, en 22A, zesde lid, zijn op de internationale aanvrage niet van toepassing.
2. Op de internationale aanvrage wordt de datum, waarop de in de artikelen 20 en 22 of 39 van het Samenwerkingsverdrag bedoelde stukken bij de Octrooiraad zijn binnengekomen, alsmede een volgnummer vermeld.
3. Voor de internationale aanvrage moet het in artikel 21 bedoelde bewijs van betaling worden overgelegd binnen de termijn bedoeld in artikel 22, eerste en tweede lid, of, in voorkomend geval, artikel 39, eerste lid, van het Samenwerkingsverdrag. Binnen dezelfde termijn moet een vertaling in het Nederlands van die aanvrage worden overgelegd. De vertaling maakt deel uit van de internationale aanvrage; zij moet op verzoek van de Octrooiraad binnen een door die Raad te stellen termijn worden gewaarmerkt. De aanvrage vervalt, indien niet tijdig aan het in dit lid bepaalde is voldaan.
4. De Octrooiraad gaat zo spoedig mogelijk na, tenzij hem is gebleken dat de aanvrage reeds is komen te vervallen uit hoofde van artikel 24 of 39, tweede lid, van het Samenwerkingsverdrag, of is voldaan aan het bij of krachtens artikel 22A, vierde en vijfde lid, bepaalde. Indien hieraan niet is voldaan geeft hij hiervan zo spoedig mogelijk kennis aan de aanvrager, onder opgave van de voorschriften waaraan niet is voldaan. De aanvrage vervalt, indien niet binnen vier maanden na dagtekening van deze kennisgeving alsnog aan de opgegeven voorschriften is voldaan.
5. De in artikel 22C bedoelde kennisgeving en terinzagelegging geschieden zo spoedig mogelijk, doch niet eerder dan nadat is vastgesteld dat aan het bij of krachtens artikel 22A, vierde en vijfde lid, bepaalde is voldaan of een verzuim op dit punt tijdig is hersteld.
6. Indien een in artikel 22I, eerste, tweede of tiende lid, bedoeld verzoek wordt gedaan, zal het door de Octrooiraad in te stellen onderzoek als aanvulling dienen op het in artikel 18 van het Samenwerkingsverdrag bedoelde verslag. Bij algemene maatregel van Rijksbestuur kan worden bepaald wanneer en in hoeverre zulk een aanvullend onderzoek achterwege blijft, alsmede wanneer en in hoeverre het in artikel 22I, vierde of tiende lid, bedoelde bedrag wordt verminderd. De in artikel 22I, negende lid, bedoelde mededeling noemt in voorkomend geval de hoogte van het terug te betalen bedrag.
2. Op de internationale aanvrage wordt de datum, waarop de in de artikelen 20 en 22 of 39 van het Samenwerkingsverdrag bedoelde stukken bij de Octrooiraad zijn binnengekomen, alsmede een volgnummer vermeld.
3. Voor de internationale aanvrage moet het in artikel 21 bedoelde bewijs van betaling worden overgelegd binnen de termijn bedoeld in artikel 22, eerste en tweede lid, of, in voorkomend geval, artikel 39, eerste lid, van het Samenwerkingsverdrag. Binnen dezelfde termijn moet een vertaling in het Nederlands van die aanvrage worden overgelegd. De vertaling maakt deel uit van de internationale aanvrage; zij moet op verzoek van de Octrooiraad binnen een door die Raad te stellen termijn worden gewaarmerkt. De aanvrage vervalt, indien niet tijdig aan het in dit lid bepaalde is voldaan.
4. De Octrooiraad gaat zo spoedig mogelijk na, tenzij hem is gebleken dat de aanvrage reeds is komen te vervallen uit hoofde van artikel 24 of 39, tweede lid, van het Samenwerkingsverdrag, of is voldaan aan het bij of krachtens artikel 22A, vierde en vijfde lid, bepaalde. Indien hieraan niet is voldaan geeft hij hiervan zo spoedig mogelijk kennis aan de aanvrager, onder opgave van de voorschriften waaraan niet is voldaan. De aanvrage vervalt, indien niet binnen vier maanden na dagtekening van deze kennisgeving alsnog aan de opgegeven voorschriften is voldaan.
5. De in artikel 22C bedoelde kennisgeving en terinzagelegging geschieden zo spoedig mogelijk, doch niet eerder dan nadat is vastgesteld dat aan het bij of krachtens artikel 22A, vierde en vijfde lid, bepaalde is voldaan of een verzuim op dit punt tijdig is hersteld.
6. Indien een in artikel 22I, eerste, tweede of tiende lid, bedoeld verzoek wordt gedaan, zal het door de Octrooiraad in te stellen onderzoek als aanvulling dienen op het in artikel 18 van het Samenwerkingsverdrag bedoelde verslag. Bij algemene maatregel van Rijksbestuur kan worden bepaald wanneer en in hoeverre zulk een aanvullend onderzoek achterwege blijft, alsmede wanneer en in hoeverre het in artikel 22I, vierde of tiende lid, bedoelde bedrag wordt verminderd. De in artikel 22I, negende lid, bedoelde mededeling noemt in voorkomend geval de hoogte van het terug te betalen bedrag.
- Wet
- Rijksoctrooiwet
- Citeren als
- Art. 29K
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001879
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl