BWBR0001879
Geldig vanaf 01-01-2002
Artikel 46
Rijksoctrooiwet
1. Hij, die woorden of tekens in verband met enig goed aldus gebruikt, dat in strijd met de waarheid, de indruk kan worden gevestigd, hetzij alsof voor dat goed een bescherming is verleend of aangevraagd, hetzij alsof een bescherming ingevolge deze Rijkswet is verleend of aangevraagd, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden, of geldboete van ten hoogste € 675, dan wel indien de geldboete wordt opgelegd door de strafrechter in de Nederlandse Antillen of Aruba, een geldboete van ten hoogste ANG 1500, onderscheidenlijk AWG 1500.
2. Hij, die enig goed, in verband waarmede woorden of tekens aldus zijn gebruikt, dat in strijd met de waarheid, de indruk kan worden gevestigd, hetzij alsof voor dat goed een bescherming is verleend of aangevraagd, hetzij alsof een bescherming ingevolge deze Rijkswet is verleend of aangevraagd, verkoopt, te koop aanbiedt, aflevert, ten verkoop in voorraad heeft of binnen het Koninkrijk invoert, wordt gestraft met dezelfde straffen, als in het vorig lid zijn bepaald.
3. De in dit artikel strafbaar gestelde feiten worden beschouwd als overtredingen. Artikel 45, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
2. Hij, die enig goed, in verband waarmede woorden of tekens aldus zijn gebruikt, dat in strijd met de waarheid, de indruk kan worden gevestigd, hetzij alsof voor dat goed een bescherming is verleend of aangevraagd, hetzij alsof een bescherming ingevolge deze Rijkswet is verleend of aangevraagd, verkoopt, te koop aanbiedt, aflevert, ten verkoop in voorraad heeft of binnen het Koninkrijk invoert, wordt gestraft met dezelfde straffen, als in het vorig lid zijn bepaald.
3. De in dit artikel strafbaar gestelde feiten worden beschouwd als overtredingen. Artikel 45, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
- Wet
- Rijksoctrooiwet
- Citeren als
- Art. 46
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001879
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl