BWBR0001879
Geldig vanaf 01-06-1969
Artikel 61
Rijksoctrooiwet
1. Het betrokken Bureau doet de aanvrage met bijbehorende beschrijving, tekeningen en modellen, onder bijvoeging van een afschrift van het afgegeven ontvangbewijs, onverwijld na de inschrijving aan de Octrooiraad toekomen, tenzij het meent, dat een dier stukken niet voldoet aan de formele vereisten, welke daaraan bij wettelijk voorschrift zijn gesteld.
2. In dit geval wordt van de vermeende gebreken der aanvrage door het betrokken Bureau aan de aanvrager schriftelijk kennis gegeven, met uitnodiging om binnen een bepaalde termijn voor de nodige verbetering of aanvulling zorg te dragen. Na het verstrijken van die termijn worden, onverschillig of aan bovenvermelde uitnodiging is voldaan, de door de aanvrager ingezonden stukken benevens een afschrift van het hem afgegeven ontvangbewijs door het betrokken Bureau onverwijld aan de Octrooiraad toegezonden.
2. In dit geval wordt van de vermeende gebreken der aanvrage door het betrokken Bureau aan de aanvrager schriftelijk kennis gegeven, met uitnodiging om binnen een bepaalde termijn voor de nodige verbetering of aanvulling zorg te dragen. Na het verstrijken van die termijn worden, onverschillig of aan bovenvermelde uitnodiging is voldaan, de door de aanvrager ingezonden stukken benevens een afschrift van het hem afgegeven ontvangbewijs door het betrokken Bureau onverwijld aan de Octrooiraad toegezonden.
- Wet
- Rijksoctrooiwet
- Citeren als
- Art. 61
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001879
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl