BWBR0001898
Geldig vanaf 01-01-1998
Artikel 37
Tramwegreglement
Bij elke beproeving of onderzoek van de mechanische en electrische inrichtingen van een trekvoertuig wordt door bestuurders gezorgd:
a. dat het trekvoertuig geplaatst is boven een droogliggenden werkkuil en in elk geval te bekwamer hoogte;
b. dat het trekvoertuig in allen deele in- en uitwendig behoorlijk gereinigd is;
c. dat alle voor het onderzoek of de beproeving benoodigde hulpmiddelen en inrichtingen benevens benoodigde hulpkrachten ter beschikking staan van den met het onderzoek of de beproeving belasten rijksambtenaar.
a. dat het trekvoertuig geplaatst is boven een droogliggenden werkkuil en in elk geval te bekwamer hoogte;
b. dat het trekvoertuig in allen deele in- en uitwendig behoorlijk gereinigd is;
c. dat alle voor het onderzoek of de beproeving benoodigde hulpmiddelen en inrichtingen benevens benoodigde hulpkrachten ter beschikking staan van den met het onderzoek of de beproeving belasten rijksambtenaar.
- Wet
- Tramwegreglement
- Citeren als
- Art. 37
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001898
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl