BWBR0002375
Geldig vanaf 2000-04-03
Artikel 2
Wet op de Ruimtelijke Ordening
1. Onze Minister verricht het nodige ter voorbereiding en ter uitvoering van het Regeringsbeleid inzake de ruimtelijke ordening. De uitkomsten hiervan worden, met inachtneming van de grenzen gesteld bij of krachtens de Wet openbaarheid van bestuur, gepubliceerd.
2. Jaarlijks doet Onze Minister aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal in de memorie van toelichting op het desbetreffende hoofdstuk van de Rijksbegroting toekomen:
a. een verslag van het door de Regering gevoerde beleid inzake de ruimtelijke ordening;
b. een wetgevingsprogramma gericht op harmonisatie en coördinatie van ruimtelijk relevante wetgeving.
2. Jaarlijks doet Onze Minister aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal in de memorie van toelichting op het desbetreffende hoofdstuk van de Rijksbegroting toekomen:
a. een verslag van het door de Regering gevoerde beleid inzake de ruimtelijke ordening;
b. een wetgevingsprogramma gericht op harmonisatie en coördinatie van ruimtelijk relevante wetgeving.