BWBR0002375
Geldig vanaf 2000-04-03
Artikel 39c
Wet op de Ruimtelijke Ordening
1. Indien ten aanzien van het project het maken van een milieueffectrapport krachtens <a href="/wet/BWBR0003245/artikel/7.2" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7.2</a>of <a href="/wet/BWBR0003245/artikel/7.4" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7.4 van de Wet milieubeheer</a>verplicht is, gaat de mededeling, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0003245/artikel/7.12" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7.12, eerste lid</a>, of <a href="/wet/BWBR0003245/artikel/7.13" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7.13, eerste lid, van die wet</a>, vergezeld van een toelichting met betrekking tot de wijze waarop het project past binnen het in planologische kernbeslissingen vastgestelde nationale ruimtelijk beleid. Indien het project strijdig is met het vastgestelde nationale ruimtelijk beleid, dient de mededeling vergezeld te gaan van een uitgebreide motivering waarom afwijking van dit beleid gerechtvaardigd is. Voorts dient de mededeling vergezeld te gaan van een globale beschrijving van de te verwachten sociaal-economische gevolgen van het project en van de gevolgen voor de overige bij het project betrokken belangen.
2. Onze projectminister draagt ervoor zorg dat bij de publicatie van de beschrijving wordt vermeld binnen welke termijn een ontwerp van het rijksprojectbesluit ter inzage zal worden gelegd. Indien de terinzagelegging niet binnen deze termijn kan geschieden, deelt Onze projectminister dit voor het verstrijken daarvan onder vermelding van de redenen mee:
a. aan beide kamers der Staten-Generaal;
b. in de Staatscourant.
3. Indien ten aanzien van het project het maken van een milieueffectrapport niet verplicht is, draagt Onze projectminister ervoor zorg dat in het kader van de voorbereiding van een rijksprojectbesluit een beschrijving als bedoeld in het eerste lid wordt opgesteld. Het tweede lid is alsdan niet van toepassing.
2. Onze projectminister draagt ervoor zorg dat bij de publicatie van de beschrijving wordt vermeld binnen welke termijn een ontwerp van het rijksprojectbesluit ter inzage zal worden gelegd. Indien de terinzagelegging niet binnen deze termijn kan geschieden, deelt Onze projectminister dit voor het verstrijken daarvan onder vermelding van de redenen mee:
a. aan beide kamers der Staten-Generaal;
b. in de Staatscourant.
3. Indien ten aanzien van het project het maken van een milieueffectrapport niet verplicht is, draagt Onze projectminister ervoor zorg dat in het kader van de voorbereiding van een rijksprojectbesluit een beschrijving als bedoeld in het eerste lid wordt opgesteld. Het tweede lid is alsdan niet van toepassing.