BWBR0005494
Geldig vanaf 1992-05-31
Artikel 16
Reglement rechtstoestand tewerkgestelden
1. Bij verminking van de DOV-kaart c.q. het legitimatiebewijs dient de tewerkgestelde de DOV-kaart c.q. het legitimatiebewijs onverwijld op te zenden naar de Directie TEGMD. Bij vermissing van de DOV-kaart c.q. het legitimatiebewijs dient de tewerkgestelde onverwijld een proces-verbaal van vermissing te laten opmaken door de Dienst infrastructuur van de Eenheid landelijke expertise en operaties van de politie.
2. Na overlegging aan de Directie TEGMD van de verminkte DOV-kaart c.q. het verminkte legitimatiebewijs dan wel (een afschrift van) het in het eerste lid bedoelde proces-verbaal verstrekt de Directie TEGMD een duplicaat. Bij verstrekking van een duplicaat DOV-kaart geschiedt zulks onder inhouding op het aan de tewerkgestelde toekomende zakgeld van de door de NV Nederlandse Spoorwegen in rekening te brengen aanmaakkosten. Verstrekking van een duplicaat DOV-kaart blijft echter achterwege, indien de nog resterende duur van de tewerkstelling minder dan 30 dagen bedraagt.
3. Na overlegging aan de Directie TEGMD van de verminkte DOV-kaart c.q. het verminkte legitimatiebewijs dan wel (een afschrift van) het in het eerste lid bedoelde proces-verbaal en voor zolang geen duplicaat, bedoeld in het tweede lid, is verstrekt, heeft de tewerkgestelde aanspraak op vergoeding van de kosten voor het reizen in de gevallen genoemd in paragraaf 5. Het bepaalde in artikel 14, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op de in de eerste volzin bedoelde vergoeding.
2. Na overlegging aan de Directie TEGMD van de verminkte DOV-kaart c.q. het verminkte legitimatiebewijs dan wel (een afschrift van) het in het eerste lid bedoelde proces-verbaal verstrekt de Directie TEGMD een duplicaat. Bij verstrekking van een duplicaat DOV-kaart geschiedt zulks onder inhouding op het aan de tewerkgestelde toekomende zakgeld van de door de NV Nederlandse Spoorwegen in rekening te brengen aanmaakkosten. Verstrekking van een duplicaat DOV-kaart blijft echter achterwege, indien de nog resterende duur van de tewerkstelling minder dan 30 dagen bedraagt.
3. Na overlegging aan de Directie TEGMD van de verminkte DOV-kaart c.q. het verminkte legitimatiebewijs dan wel (een afschrift van) het in het eerste lid bedoelde proces-verbaal en voor zolang geen duplicaat, bedoeld in het tweede lid, is verstrekt, heeft de tewerkgestelde aanspraak op vergoeding van de kosten voor het reizen in de gevallen genoemd in paragraaf 5. Het bepaalde in artikel 14, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op de in de eerste volzin bedoelde vergoeding.