BWBR0005494
Geldig vanaf 1992-05-31
Artikel 41
Reglement rechtstoestand tewerkgestelden
1. Aan de tewerkgestelde kan, op verzoek, door de minister buitengewoon verlof worden verleend voor het optreden als verzorger van zijn door ziekte of ongeval verzorging behoevende levenspartner, ouders, stief- of pleegouders, kinderen, pleeg- of stiefkinderen van hemzelf of van zijn levenspartner, bij hemzelf of zijn ouders inwonende broers en zusters, of van de tot het gezin van de patiënt behorende minderjarige kinderen, indien hij de enig mogelijke verzorger is
2. Het verlof wordt slechts verleend, indien de tewerkgestelde zich voor het verkrijgen van hulp heeft gewend tot de gemeentelijke sociale dienst van de gemeente van inwoning van de patiënt, dan wel tot andere daarvoor in aanmerking komende instellingen ter plaatse.
3. Het verlof wordt verleend voor ten hoogste 10 dagen gedurende de tewerkstelling.
2. Het verlof wordt slechts verleend, indien de tewerkgestelde zich voor het verkrijgen van hulp heeft gewend tot de gemeentelijke sociale dienst van de gemeente van inwoning van de patiënt, dan wel tot andere daarvoor in aanmerking komende instellingen ter plaatse.
3. Het verlof wordt verleend voor ten hoogste 10 dagen gedurende de tewerkstelling.