BWBR0052951
Geldig vanaf 01-10-2026
Artikel 19
Wet op de Nederlandse identiteitskaart
1. De aanvrager wiens eerder uitgereikte Nederlandse identiteitskaart is vermist of mogelijk voorwerp is van fraude, meldt dat op de krachtens artikel 7 bepaalde wijze.
2. De aanvrager wiens eerder uitgereikte Nederlandse identiteitskaart is ingenomen door een daartoe bevoegde autoriteit, legt bij het indienen van zijn aanvraag een door de desbetreffende autoriteit afgegeven schriftelijke verklaring over omtrent de inname.
2. De aanvrager wiens eerder uitgereikte Nederlandse identiteitskaart is ingenomen door een daartoe bevoegde autoriteit, legt bij het indienen van zijn aanvraag een door de desbetreffende autoriteit afgegeven schriftelijke verklaring over omtrent de inname.
- Citeren als
- Art. 19
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0052951
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl