BWBR0052951
Geldig vanaf 01-10-2026
Artikel 3
Wet op de Nederlandse identiteitskaart
1. Een Nederlandse identiteitskaart vermeldt de volgende persoonsgegevens van de houder: geslachtsnaam, voornamen, geboortedatum, geboorteplaats, geslacht, nationaliteit en lengte. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald in welke gevallen wordt afgezien van vermelding van respectievelijk geboorteplaats en lengte.
2. Een Nederlandse identiteitskaart is voorzien van de gezichtsopname, twee vingerafdrukken en de handtekening van de houder volgens nader bij regeling van Onze Minister te stellen regels. De vervangende Nederlandse identiteitskaart is niet voorzien van vingerafdrukken.
3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de gevallen waarin kan worden afgezien van het opnemen van de vingerafdrukken of de handtekening op de aangevraagde Nederlandse identiteitskaart indien deze gegevens niet van de houder kunnen worden verkregen.
4. Het burgerservicenummer van de houder wordt vermeld op de Nederlandse identiteitskaart, tenzij aan de houder geen burgerservicenummer is toegekend.
5. Een Nederlandse identiteitskaart vermeldt het documentnummer, de autoriteit die het document heeft verstrekt, de datum van verstrekking en het einde van de geldigheidsduur. De vervangende Nederlandse identiteitskaart is tevens voorzien van de territoriale geldigheid.
6. Op verzoek van de houder kan op diens Nederlandse identiteitskaart tevens de geslachtsnaam worden vermeld van de echtgenoot, echtgenote of geregistreerde partner, dan wel, indien de houder geen echtgenoot, echtgenote of geregistreerde partner meer heeft, de geslachtsnaam van de gewezen echtgenoot, echtgenote of geregistreerde partner met wie het huwelijk of het geregistreerd partnerschap laatstelijk is geëindigd, voor zover het model van de identiteitskaart daartoe voldoende ruimte bevat. Onze Minister stelt nadere regels met betrekking tot de wijze waarop de naamsvermelding plaatsvindt.
7. De tot uitreiking bevoegde autoriteiten voeren een Nederlandse identiteitskaartenadministratie ten behoeve van de aanvraag, verstrekking en uitreiking van Nederlandse identiteitskaarten. De administratie bevat de gegevens bedoeld in het eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde lid, alsmede andere gegevens die bij de aanvraag zijn overgelegd. De administratie is zowel op naam als op documentnummer toegankelijk. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de verwerking van gegevens in de administratie.
8. De bij de aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart opgenomen vingerafdrukken worden bewaard totdat de uitreiking van de aangevraagde identiteitskaart, dan wel de reden voor het niet uitreiken daarvan, in de administratie, bedoeld in het zevende lid, is geregistreerd en gedurende die periode uitsluitend verwerkt ten behoeve van de verstrekking en de uitreiking van de identiteitskaart.
2. Een Nederlandse identiteitskaart is voorzien van de gezichtsopname, twee vingerafdrukken en de handtekening van de houder volgens nader bij regeling van Onze Minister te stellen regels. De vervangende Nederlandse identiteitskaart is niet voorzien van vingerafdrukken.
3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de gevallen waarin kan worden afgezien van het opnemen van de vingerafdrukken of de handtekening op de aangevraagde Nederlandse identiteitskaart indien deze gegevens niet van de houder kunnen worden verkregen.
4. Het burgerservicenummer van de houder wordt vermeld op de Nederlandse identiteitskaart, tenzij aan de houder geen burgerservicenummer is toegekend.
5. Een Nederlandse identiteitskaart vermeldt het documentnummer, de autoriteit die het document heeft verstrekt, de datum van verstrekking en het einde van de geldigheidsduur. De vervangende Nederlandse identiteitskaart is tevens voorzien van de territoriale geldigheid.
6. Op verzoek van de houder kan op diens Nederlandse identiteitskaart tevens de geslachtsnaam worden vermeld van de echtgenoot, echtgenote of geregistreerde partner, dan wel, indien de houder geen echtgenoot, echtgenote of geregistreerde partner meer heeft, de geslachtsnaam van de gewezen echtgenoot, echtgenote of geregistreerde partner met wie het huwelijk of het geregistreerd partnerschap laatstelijk is geëindigd, voor zover het model van de identiteitskaart daartoe voldoende ruimte bevat. Onze Minister stelt nadere regels met betrekking tot de wijze waarop de naamsvermelding plaatsvindt.
7. De tot uitreiking bevoegde autoriteiten voeren een Nederlandse identiteitskaartenadministratie ten behoeve van de aanvraag, verstrekking en uitreiking van Nederlandse identiteitskaarten. De administratie bevat de gegevens bedoeld in het eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde lid, alsmede andere gegevens die bij de aanvraag zijn overgelegd. De administratie is zowel op naam als op documentnummer toegankelijk. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de verwerking van gegevens in de administratie.
8. De bij de aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart opgenomen vingerafdrukken worden bewaard totdat de uitreiking van de aangevraagde identiteitskaart, dan wel de reden voor het niet uitreiken daarvan, in de administratie, bedoeld in het zevende lid, is geregistreerd en gedurende die periode uitsluitend verwerkt ten behoeve van de verstrekking en de uitreiking van de identiteitskaart.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0052951
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl