BWBR0051068
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 3.1.3
Regeling bemanning zeeschepen
1. Aanvullend op artikel 3.1.2wordt de diensttijd opgedaan in de functie van een maritiem officier, eerste maritiem officier of stuurman-werktuigkundige vissersvaartuigen voor de helft daarvan in aanmerking genomen voor de vernieuwing van een vaarbevoegdheidsbewijs als officier in de dekdienst en voor de helft daarvan voor de vernieuwing van een vaarbevoegdheidsbewijs als officier in de machinekamerdienst.
2. Aanvullend op artikel 3.1.2komt voor de vernieuwing van een vaarbevoegdheidsbewijs van een maritiem officier, eerste maritiem officier of stuurman-werktuigkundige vissersvaartuigen de diensttijd, opgedaan in een functie als kapitein of officier in de dekdienst en de diensttijd, opgedaan in een functie als officier in de machinekamerdienst, in aanmerking.
3. Voor de berekening van de opgedane diensttijd in 2 functies tezamen als bedoeld in het tweede lid wordt slechts de diensttijd in acht genomen voor zover deze zich in gelijke mate verhoudt.
2. Aanvullend op artikel 3.1.2komt voor de vernieuwing van een vaarbevoegdheidsbewijs van een maritiem officier, eerste maritiem officier of stuurman-werktuigkundige vissersvaartuigen de diensttijd, opgedaan in een functie als kapitein of officier in de dekdienst en de diensttijd, opgedaan in een functie als officier in de machinekamerdienst, in aanmerking.
3. Voor de berekening van de opgedane diensttijd in 2 functies tezamen als bedoeld in het tweede lid wordt slechts de diensttijd in acht genomen voor zover deze zich in gelijke mate verhoudt.