BWBR0051068
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 4.5.9
Regeling bemanning zeeschepen
1. Slaapverblijven zijn zodanig gelegen en ingericht dat een redelijk comfort voor de vissers is gewaarborgd en netheid wordt bevorderd.
2. Het vloeroppervlak per persoon in een slaapverblijf voor gezellen of in een gecombineerd slaapverblijf voor officieren en gezellen als bedoeld in artikel 4.5.8, tweede lid, met uitzondering van de ruimte ingenomen door slaapplaatsen en kasten, bedraagt ten minste op een vissersvaartuig:
[tabel]
3. Het vloeroppervlak per persoon in een slaapverblijf voor officieren, met uitzondering van de ruimte ingenomen door slaapplaatsen en kasten, bedraagt ten minste:
[tabel]
4. In een slaapverblijf is voor iedere visser een kledingkast aanwezig met een hoogte van ten minste 1,75 meter en een dwarsdoorsnede van ten minste 0,2 vierkante meter, voorzien van een legplank en een roede waaraan kleding op kleerhangers kan worden gehangen. De kast is voorzien van een slot of van lippen voor een hangslot.
5. In een slaapverblijf is voor iedere bewoner een lade of soortgelijke ruimte aanwezig met een inhoud van tenminste 60 kubieke decimeter.
6. In een slaapverblijf is een tafel of lessenaar met een gemakkelijke zitgelegenheid aanwezig. De tafel of lessenaar mag vast, inklapbaar of uitschuifbaar zijn.
7. Een slaapverblijf is uitgerust met een spiegel, kastjes voor toiletbenodigdheden, een boekenrek en een voldoende aantal kleerhaken.
8. Een slaapverblijf voor officieren is voorzien van een wastafel, de nodigelegkasten of laden, gordijnen, handdoek- en deurhaken en doelmatige vloerbedekking.
9. De meubelen zijn vervaardigd van glad, hard materiaal dat niet kromtrekt of roest en waarin zich geen ongedierte kan nestelen.
10. Voor de patrijspoorten in een slaapverblijf zijn gordijnen of jaloezieën aangebracht.
11. Voor elke visser is een afzonderlijke slaapplaats beschikbaar.
12. Slaapplaatsen zijn behoorlijk van elkaar gescheiden en afzonderlijk toegankelijk.
13. Er zijn niet meer dan twee slaapplaatsen boven elkaar aangebracht.
14. De onderkant van de onderste slaapplaats is meer dan 30 centimeter boven de vloer gelegen.
15. De afstand tussen de onderkant van de onderste slaapplaats en de onderkant van de bovenste slaapplaats en de afstand tussen de onderkant van de bovenste slaapplaats en de onderkant van het plafond 75 centimeter of meer.
16. Aan de onderkant van de bovenste slaapplaats is een stofdichte bodem van hout, zeildoek of ander geschikt materiaal aangebracht.
17. Een slaapplaats is, binnenwerks gemeten, 2 meter of meer lang en 0,68 meter of meer breed.
18. Een slaapplaats is van hout of van deugdelijk hard materiaal dat niet gemakkelijk roest, vervaardigd. De constructie is zodanig dat er zich geen ongedierte in kan nestelen en de slaapplaats gemakkelijk kan worden schoongemaakt.
19. Indien een slaapplaats uit buizen is samengesteld, zijn in deze buizen geen openingen aanwezig die aan ongedierte toegang kunnen verlenen. Houten kooiplanken zijn uitneembaar.
20. Een slaapplaats is voorzien van een matras van deugdelijk materiaal. Als vulling voor matrassen is geen materiaal gebruikt waarin zich ongedierte kan nestelen.
21. Onder de opening van een luchtkoker is geen slaapplaats aanwezig.
2. Het vloeroppervlak per persoon in een slaapverblijf voor gezellen of in een gecombineerd slaapverblijf voor officieren en gezellen als bedoeld in artikel 4.5.8, tweede lid, met uitzondering van de ruimte ingenomen door slaapplaatsen en kasten, bedraagt ten minste op een vissersvaartuig:
[tabel]
3. Het vloeroppervlak per persoon in een slaapverblijf voor officieren, met uitzondering van de ruimte ingenomen door slaapplaatsen en kasten, bedraagt ten minste:
[tabel]
4. In een slaapverblijf is voor iedere visser een kledingkast aanwezig met een hoogte van ten minste 1,75 meter en een dwarsdoorsnede van ten minste 0,2 vierkante meter, voorzien van een legplank en een roede waaraan kleding op kleerhangers kan worden gehangen. De kast is voorzien van een slot of van lippen voor een hangslot.
5. In een slaapverblijf is voor iedere bewoner een lade of soortgelijke ruimte aanwezig met een inhoud van tenminste 60 kubieke decimeter.
6. In een slaapverblijf is een tafel of lessenaar met een gemakkelijke zitgelegenheid aanwezig. De tafel of lessenaar mag vast, inklapbaar of uitschuifbaar zijn.
7. Een slaapverblijf is uitgerust met een spiegel, kastjes voor toiletbenodigdheden, een boekenrek en een voldoende aantal kleerhaken.
8. Een slaapverblijf voor officieren is voorzien van een wastafel, de nodigelegkasten of laden, gordijnen, handdoek- en deurhaken en doelmatige vloerbedekking.
9. De meubelen zijn vervaardigd van glad, hard materiaal dat niet kromtrekt of roest en waarin zich geen ongedierte kan nestelen.
10. Voor de patrijspoorten in een slaapverblijf zijn gordijnen of jaloezieën aangebracht.
11. Voor elke visser is een afzonderlijke slaapplaats beschikbaar.
12. Slaapplaatsen zijn behoorlijk van elkaar gescheiden en afzonderlijk toegankelijk.
13. Er zijn niet meer dan twee slaapplaatsen boven elkaar aangebracht.
14. De onderkant van de onderste slaapplaats is meer dan 30 centimeter boven de vloer gelegen.
15. De afstand tussen de onderkant van de onderste slaapplaats en de onderkant van de bovenste slaapplaats en de afstand tussen de onderkant van de bovenste slaapplaats en de onderkant van het plafond 75 centimeter of meer.
16. Aan de onderkant van de bovenste slaapplaats is een stofdichte bodem van hout, zeildoek of ander geschikt materiaal aangebracht.
17. Een slaapplaats is, binnenwerks gemeten, 2 meter of meer lang en 0,68 meter of meer breed.
18. Een slaapplaats is van hout of van deugdelijk hard materiaal dat niet gemakkelijk roest, vervaardigd. De constructie is zodanig dat er zich geen ongedierte in kan nestelen en de slaapplaats gemakkelijk kan worden schoongemaakt.
19. Indien een slaapplaats uit buizen is samengesteld, zijn in deze buizen geen openingen aanwezig die aan ongedierte toegang kunnen verlenen. Houten kooiplanken zijn uitneembaar.
20. Een slaapplaats is voorzien van een matras van deugdelijk materiaal. Als vulling voor matrassen is geen materiaal gebruikt waarin zich ongedierte kan nestelen.
21. Onder de opening van een luchtkoker is geen slaapplaats aanwezig.