BWBR0051068
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 3.4.6
Regeling bemanning zeeschepen
Voor de afgifte van het kennisbewijs wachtwerktuigkundige tot 3.000 kW:
a. voldoet de aanvrager aan de volgende onderdelen van voorschriften van bijlage I bij richtlijn (EU) 2022/993: 1°. voorschrift III/1, tweede lid, onderdelen 2 tot en met 5; en
2°. voorschrift III/3, tweede lid, onderdeel 2;
1°. voorschrift III/1, tweede lid, onderdelen 2 tot en met 5; en
2°. voorschrift III/3, tweede lid, onderdeel 2;
b. heeft de aanvrager met goed gevolg examen afgelegd ter afsluiting van een opleiding die voldoet aan de volgende onderdelen van de STCW-code: 1°. sectie A-III/1, eerste tot en met zesde lid, en negende lid; en
2°. sectie A-III/3, eerste tot en met zevende lid, met uitzondering van de aspecten voorstuwing door middel van stoomturbines en voorstuwing door middel van gasturbines, en waarbij het in onderdeel 4 bedoelde kennisniveau de functie hoofdwerktuigkundige zeeschepen met minder dan 3.000 kW voortstuwingsvermogen betreft; en
1°. sectie A-III/1, eerste tot en met zesde lid, en negende lid; en
2°. sectie A-III/3, eerste tot en met zevende lid, met uitzondering van de aspecten voorstuwing door middel van stoomturbines en voorstuwing door middel van gasturbines, en waarbij het in onderdeel 4 bedoelde kennisniveau de functie hoofdwerktuigkundige zeeschepen met minder dan 3.000 kW voortstuwingsvermogen betreft; en
c. heeft de aanvrager als onderdeel van de in onderdeel b bedoelde opleiding gedurende ten minste twaalf maanden diensttijd opgedaan, waarvan zes maanden gedurende wachtwerkzaamheden in de machinekamer, onder bijhouding van een door of namens de hoofdwerktuigkundige af te tekenen stageboek.
a. voldoet de aanvrager aan de volgende onderdelen van voorschriften van bijlage I bij richtlijn (EU) 2022/993: 1°. voorschrift III/1, tweede lid, onderdelen 2 tot en met 5; en
2°. voorschrift III/3, tweede lid, onderdeel 2;
1°. voorschrift III/1, tweede lid, onderdelen 2 tot en met 5; en
2°. voorschrift III/3, tweede lid, onderdeel 2;
b. heeft de aanvrager met goed gevolg examen afgelegd ter afsluiting van een opleiding die voldoet aan de volgende onderdelen van de STCW-code: 1°. sectie A-III/1, eerste tot en met zesde lid, en negende lid; en
2°. sectie A-III/3, eerste tot en met zevende lid, met uitzondering van de aspecten voorstuwing door middel van stoomturbines en voorstuwing door middel van gasturbines, en waarbij het in onderdeel 4 bedoelde kennisniveau de functie hoofdwerktuigkundige zeeschepen met minder dan 3.000 kW voortstuwingsvermogen betreft; en
1°. sectie A-III/1, eerste tot en met zesde lid, en negende lid; en
2°. sectie A-III/3, eerste tot en met zevende lid, met uitzondering van de aspecten voorstuwing door middel van stoomturbines en voorstuwing door middel van gasturbines, en waarbij het in onderdeel 4 bedoelde kennisniveau de functie hoofdwerktuigkundige zeeschepen met minder dan 3.000 kW voortstuwingsvermogen betreft; en
c. heeft de aanvrager als onderdeel van de in onderdeel b bedoelde opleiding gedurende ten minste twaalf maanden diensttijd opgedaan, waarvan zes maanden gedurende wachtwerkzaamheden in de machinekamer, onder bijhouding van een door of namens de hoofdwerktuigkundige af te tekenen stageboek.