BWBR0051068
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 3.9.2
Regeling bemanning zeeschepen
1. De kapitein, diens plaatsvervanger of de werktuigkundige van een Caribisch-Nederlands schip is, voor zover dat vereist is op grond van het bemanningscertificaat, bedoeld in artikel 3.9.1, in het bezit van:
a. een geldig certificaat voor de op het bemanningscertificaat genoemde functie, afgegeven volgens hoofdstuk 10, deel A, onderdelen 1 en 2, van de SCV-code;
b. een bekwaamheidsbewijs basisveiligheid;
c. een geldige geneeskundige verklaring zeevaart of een gelijkwaardige verklaring afgegeven door een andere verdragspartij bij de SCV-code; en
d. een basiscertificaat marifonie, een beperkt certificaat maritieme radiocommunicatie of een algemeen certificaat maritieme radiocommunicatie als bedoeld in artikel 12 van de Examenregeling frequentiegebruik 2008.
2. Overige op het bemanningscertificaat genoemde bemanningsleden:
1°. hebben de leeftijd van 16 jaar bereikt;
2°. zijn in het bezit van het bekwaamheidsbewijs basisveiligheid; en
3°. zijn in het bezit van een geldige geneeskundige verklaring zeevaart of een gelijkwaardige verklaring afgegeven door een andere partij bij de SCV-code.
3. Een geldig bemanningscertificaat, afgegeven door een andere verdragspartij bij de SCV-code volgens hoofdstuk 10, deel A, artikelen 1 en 2, van de SCV-code, onderdeel a, wordt door de minister vernieuwd indien de aanvrager:
a. met een door de scheepsbeheerder ondertekende verklaring als bedoeld in hoofdstuk 10, deel A, artikel 13.1, van de SCV-code heeft aangetoond gedurende drie jaar voorafgaand aan de vernieuwing ten minste 45 dagen te hebben dienstgedaan in een functie waarvoor het te vernieuwen certificaat is vereist, of met goed gevolg een door de minister erkende training heeft afgerond voor de op het bemanningscertificaat genoemde functie die ten minste voldoet aan bijlage 11, paragraaf 1 of 2, van de SCV-code; en
b. in het bezit is van een geldige geneeskundige verklaring zeevaart of een gelijkwaardige verklaring afgegeven door een andere verdragspartij bij de SCV-code.
4. Een door de minister afgegeven certificaat dat verloren is gegaan kan worden vervangen door een duplicaat certificaat, waarvan de einddatum overeenkomt met de einddatum op het originele document.
5. Een certificaat of verklaring als bedoeld in het eerste lid wordt door de houder op verzoek getoond aan een ambtenaar van de Inspectie Leefomgeving of Transport, alsmede aan de personen aangewezen in artikel 184 van het Wetboek van Strafvordering BES.
a. een geldig certificaat voor de op het bemanningscertificaat genoemde functie, afgegeven volgens hoofdstuk 10, deel A, onderdelen 1 en 2, van de SCV-code;
b. een bekwaamheidsbewijs basisveiligheid;
c. een geldige geneeskundige verklaring zeevaart of een gelijkwaardige verklaring afgegeven door een andere verdragspartij bij de SCV-code; en
d. een basiscertificaat marifonie, een beperkt certificaat maritieme radiocommunicatie of een algemeen certificaat maritieme radiocommunicatie als bedoeld in artikel 12 van de Examenregeling frequentiegebruik 2008.
2. Overige op het bemanningscertificaat genoemde bemanningsleden:
1°. hebben de leeftijd van 16 jaar bereikt;
2°. zijn in het bezit van het bekwaamheidsbewijs basisveiligheid; en
3°. zijn in het bezit van een geldige geneeskundige verklaring zeevaart of een gelijkwaardige verklaring afgegeven door een andere partij bij de SCV-code.
3. Een geldig bemanningscertificaat, afgegeven door een andere verdragspartij bij de SCV-code volgens hoofdstuk 10, deel A, artikelen 1 en 2, van de SCV-code, onderdeel a, wordt door de minister vernieuwd indien de aanvrager:
a. met een door de scheepsbeheerder ondertekende verklaring als bedoeld in hoofdstuk 10, deel A, artikel 13.1, van de SCV-code heeft aangetoond gedurende drie jaar voorafgaand aan de vernieuwing ten minste 45 dagen te hebben dienstgedaan in een functie waarvoor het te vernieuwen certificaat is vereist, of met goed gevolg een door de minister erkende training heeft afgerond voor de op het bemanningscertificaat genoemde functie die ten minste voldoet aan bijlage 11, paragraaf 1 of 2, van de SCV-code; en
b. in het bezit is van een geldige geneeskundige verklaring zeevaart of een gelijkwaardige verklaring afgegeven door een andere verdragspartij bij de SCV-code.
4. Een door de minister afgegeven certificaat dat verloren is gegaan kan worden vervangen door een duplicaat certificaat, waarvan de einddatum overeenkomt met de einddatum op het originele document.
5. Een certificaat of verklaring als bedoeld in het eerste lid wordt door de houder op verzoek getoond aan een ambtenaar van de Inspectie Leefomgeving of Transport, alsmede aan de personen aangewezen in artikel 184 van het Wetboek van Strafvordering BES.