BWBR0051068
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 4.1.22
Regeling bemanning zeeschepen
1. De scheepsbeheerder draagt er zorg voor dat voor de verzending van e-mail aan boord aanwezige internetfaciliteiten voor alle zeevarende toegankelijk zijn en dat postverzending geschiedt in overeenstemming met leidraad B3.1.11, vijfde lid, van het MLC-verdrag.
2. Voor het gebruik van telefoon-, e-mail- en internetverbindingen kan de scheepsbeheerder een vergoeding voor de gebruikskosten vragen, in overeenstemming met leidraad B3.11, achtste lid, van het MLC-verdrag. De overige in artikel 4.1.14bedoelde voorzieningen staan kosteloos ter beschikking van de zeevarenden.
3. De scheepsbeheerder zorgt ervoor dat omgang met familie en vrienden van zeevarenden geschiedt in overeenstemming met de normering van leidraad B3.1.11, zesde en zevende lid, van het MLC-verdrag.
4. De in artikel 4.1.14bedoelde voorzieningen worden overeenkomstig de in leidraad B3.1.11, eerste lid, van het MLC-verdrag genoemde doelstellingen ten minste eenmaal per drie jaar door of namens de kapitein geïnspecteerd.
5. Dit artikel is tevens van toepassing op een zeeschip als bedoeld in artikel 4.1.1, eerste lid, onderdelen a en c.
2. Voor het gebruik van telefoon-, e-mail- en internetverbindingen kan de scheepsbeheerder een vergoeding voor de gebruikskosten vragen, in overeenstemming met leidraad B3.11, achtste lid, van het MLC-verdrag. De overige in artikel 4.1.14bedoelde voorzieningen staan kosteloos ter beschikking van de zeevarenden.
3. De scheepsbeheerder zorgt ervoor dat omgang met familie en vrienden van zeevarenden geschiedt in overeenstemming met de normering van leidraad B3.1.11, zesde en zevende lid, van het MLC-verdrag.
4. De in artikel 4.1.14bedoelde voorzieningen worden overeenkomstig de in leidraad B3.1.11, eerste lid, van het MLC-verdrag genoemde doelstellingen ten minste eenmaal per drie jaar door of namens de kapitein geïnspecteerd.
5. Dit artikel is tevens van toepassing op een zeeschip als bedoeld in artikel 4.1.1, eerste lid, onderdelen a en c.