BWBR0051068
Geldig vanaf 2025-07-01
Artikel 4.4.11
Regeling bemanning zeeschepen
1. Het aantal personen per slaapverblijf en het vloeroppervlak per persoon, exclusief de ruimte ingenomen door kooien en kasten, is zodanig dat, rekening houdend met het gebruik van het vissersvaartuig, de vissers aan boord beschikken over voldoende ruimte en comfort.
2. Aan het gestelde in het eerste lid wordt in ieder geval voldaan indien het vloeroppervlak per persoon in een slaapverblijf voor gezellen of in een gecombineerd slaapverblijf voor officieren en gezellen, exclusief de ruimte ingenomen door kooien en kasten, ten minste bedraagt:
a. op een vissersvaartuig met een lengte van 13 tot 19 meter: 0,75 vierkante meter;
b. op een vissersvaartuig met een lengte van 19 tot 24 meter: 1 vierkante meter.
3. In aanvulling op het eerste en tweede lid is op een vissersvaartuig met een lengte van 24 meter of meer maar minder dan 45 meter, het vloeroppervlak per persoon in een slaapverblijf, exclusief de ruimte ingenomen door kooien en kasten, ten minste 1,5 vierkante meter.
4. In aanvulling op het eerste en tweede lid is op een vissersvaartuig met een lengte van 45 meter of meer het vloeroppervlak per persoon in een slaapverblijf, exclusief de ruimte ingenomen door kooien en kasten, ten minste 2 vierkante meter.
2. Aan het gestelde in het eerste lid wordt in ieder geval voldaan indien het vloeroppervlak per persoon in een slaapverblijf voor gezellen of in een gecombineerd slaapverblijf voor officieren en gezellen, exclusief de ruimte ingenomen door kooien en kasten, ten minste bedraagt:
a. op een vissersvaartuig met een lengte van 13 tot 19 meter: 0,75 vierkante meter;
b. op een vissersvaartuig met een lengte van 19 tot 24 meter: 1 vierkante meter.
3. In aanvulling op het eerste en tweede lid is op een vissersvaartuig met een lengte van 24 meter of meer maar minder dan 45 meter, het vloeroppervlak per persoon in een slaapverblijf, exclusief de ruimte ingenomen door kooien en kasten, ten minste 1,5 vierkante meter.
4. In aanvulling op het eerste en tweede lid is op een vissersvaartuig met een lengte van 45 meter of meer het vloeroppervlak per persoon in een slaapverblijf, exclusief de ruimte ingenomen door kooien en kasten, ten minste 2 vierkante meter.