BWBR0006746
Geldig vanaf 2001-06-02
Artikel 5.2.42
Voertuigreglement
1. De voorruit en de zijruiten van personenauto’s mogen:
a. geen beschadigingen of verkleuringen vertonen,
b. niet zijn voorzien van onnodige voorwerpen,
die het uitzicht van de bestuurder belemmeren.
2. Indien de personenauto niet is voorzien van een rechterbuitenspiegel, mag de achterruit:
a. geen beschadigingen of verkleuringen vertonen,
b. niet zijn voorzien van onnodige voorwerpen,
die het uitzicht van de bestuurder belemmeren.
3. Onze Minister kan regels vaststellen omtrent het bepaalde in het eerste lid.
a. geen beschadigingen of verkleuringen vertonen,
b. niet zijn voorzien van onnodige voorwerpen,
die het uitzicht van de bestuurder belemmeren.
2. Indien de personenauto niet is voorzien van een rechterbuitenspiegel, mag de achterruit:
a. geen beschadigingen of verkleuringen vertonen,
b. niet zijn voorzien van onnodige voorwerpen,
die het uitzicht van de bestuurder belemmeren.
3. Onze Minister kan regels vaststellen omtrent het bepaalde in het eerste lid.